ECLI:NL:RBOVE:2026:1445, Rechtbank Overijssel, 17-03-2026, 12030476 \ EJ VERZ 25-252 — RBOVE:2026:1445
Samenvatting
In deze zaak verzoekt partij A onder meer om te verklaren dat het ontslag op staande voet niet rechtsgeldig is gegeven. De kantonrechter wijst het verzoek af omdat voldoende aannemelijk is dat partij A gelden van klanten onder zich heeft gehouden in plaats van aan partij B af te staan en daarnaast dat hij zonder toestemming van partij B korting aan een klant heeft gegeven. Partij A heeft daar – ook op het moment dat hij daartoe de gelegenheid heeft gekregen – geen (volledige) openheid van zaken over gegeven. Het ontslag is bovendien onverwijld gegeven. Partij A heeft geen recht op een transitievergoeding. De vordering van partij A ten aanzien van (achterstallig) loon, vakantietoeslag en vakantieuren mocht partij B verrekenen met de vorderingen die zij op partij A heeft ten aanzien van de door partij B gevorderde gefixeerde schadevergoeding en schadevergoeding op grond van onrechtmatige daad. Het bedrag aan schadevergoeding dat na verrekening resteert, moet partij A aan partij B betalen. Tot slot wordt partij A in de proceskosten veroordeeld.
Betrokken advocaten
Marquant Advocaten, HARDENBERG
BAASZ Advocaten, DRACHTEN
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBGEL:2025:5037, Rechtbank Gelderland, 27-06-2025, 453094
Rechtbank Gelderland · Civiel Recht
ECLI:NL:RBNNE:2025:3175, Rechtbank Noord-Nederland, 11-06-2025, 11627121 \ AR VERZ 25-20
Rechtbank Noord-Nederland · Civiel Recht; Arbeidsrecht
ECLI:NL:RBOVE:2024:5033, Rechtbank Overijssel, 27-09-2024, 11204497 \ EJ VERZ 24-241
Rechtbank Overijssel · Civiel Recht
ECLI:NL:RBNNE:2023:2240, Rechtbank Noord-Nederland, 17-05-2023, 10286270 AR VERZ 23-6
Rechtbank Noord-Nederland · Civiel Recht; Arbeidsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
17 maart 2026
Instantie
Rechtbank OverijsselRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
12030476 \ EJ VERZ 25-252
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBOVE:2026:1445