Almeloër veroordeeld voor jarenlange verkrachting, mishandeling en stalking ex — RBOVE:2026:1672
verkrachting / huiselijk geweld / belaging / illegaal wapenbezit
Eiser / verzoeker
Officier van justitie
Verweerder / gedaagde
Verdachte (geboren 1998, wonende te Almelo)
Verdachte veroordeeld voor meervoudige verkrachting, mishandeling van zijn levensgezel, belaging en illegaal wapenbezit (strafmaat niet vermeld in de beschikbare tekst).
- Verklaringen van het slachtoffer beoordeeld als betrouwbaar en voldoende ondersteund door steunbewijs uit andere bronnen, conform Hoge Raad-criterium
- Verweer van 'narratieve reconstructie' door de verdediging verworpen: rechtbank ziet geen grond voor de stelling dat het slachtoffer gebeurtenissen achteraf verkeerd heeft geïnterpreteerd
- Verdachte heeft de verkrachting van 28 januari 2023 ter zitting zelf bekend
- Belaging bewezen geacht over een periode van meer dan twee jaar na het verbreken van de relatie, via meerdere kanalen inclusief benadering via derden en fysieke aanwezigheid bij geheim adres
- Bij aanhouding in september 2025 aangetroffen getransformeerd gaspistool met munitie; wapenbezit door verdachte erkend
Samenvatting
Een man uit Almelo heeft jarenlang zijn toenmalige partner verkracht, mishandeld en daarna gestalkt. De rechtbank Overijssel veroordeelde hem op 30 maart 2026 voor alle ten laste gelegde feiten, waaronder meerdere verkrachtingen, herhaalde mishandeling en langdurige belaging.
Het slachtoffer leerde de man in de zomer van 2017 kennen bij de sportschool waar zij werkte. In 2018 begonnen zij een relatie, waaruit in 2020 een dochter werd geboren. De relatie verliep van meet af aan tumultueus. Volgens de aangifte, die het slachtoffer in juli 2025 deed, begon het geweld al in april 2019. De man sloeg haar bij die eerste gelegenheid en tilde haar daarna wurgend op aan haar keel.
De incidenten die het slachtoffer beschreef, besloegen een periode van meerdere jaren. In september 2019 drong de man seks af ondanks herhaaldelijk verbaal en fysiek verzet. In juli 2020 werd het slachtoffer wakker en bleek zij buiten bewustzijn geslagen te zijn geweest; de man bracht haar naar de huisartsenpost en gaf achteraf toe dat hij seks met haar had gehad terwijl zij bewusteloos was. In mei 2021 dreigde hij haar te penetreren als zij niet vertelde met wie zij afsprak — een dreiging die hij vervolgens uitvoerde — en dwong hij haar opnieuw tot seks. Daarnaast sloeg hij haar bij meerdere gelegenheden, waarbij zij verwondingen opliep zoals een blauw oog en een bloedende wenkbrauw. Op 28 januari 2023 bekende de man ter zitting zelf een verkrachting te hebben gepleegd.
Na de verbreking van de relatie in juli 2023 hield de man niet op. Hij belaagde het slachtoffer gedurende meer dan twee jaar door haar voortdurend te bellen en berichten te sturen, familieleden en bekenden in te schakelen om contact te leggen, haar familie te benaderen om haar verblijfplaats te achterhalen en zelfs naar haar geheime adres te gaan waar hij zich voor de woning ophield.
De verdediging voerde aan dat de verklaringen van het slachtoffer een zogenoemde 'narratieve reconstructie' vormden: een achteraf geconstrueerd beeld van gebeurtenissen binnen een complexe relatie. De rechtbank verwierp dit verweer. Zij oordeelde dat de verklaringen van het slachtoffer betrouwbaar zijn en dat zij voldoende steun vinden in ander bewijsmateriaal uit andere bronnen. Daarbij wees de rechtbank op de vaste lijn van de Hoge Raad dat niet elk afzonderlijk ten laste gelegd feit bevestiging hoeft te vinden in objectief bewijs, zolang de belastende verklaring als geheel op relevante onderdelen wordt ondersteund.
Toen de man op 16 september 2025 werd aangehouden, troffen agenten in zijn woning ook een getransformeerd gaspistool aan met bijbehorende munitie. Dit wapenbezit erkende hij zelf. De rechtbank achtte ook dit feit bewezen.
De rechtbank veroordeelde de man voor alle vier de feiten: meervoudige verkrachting, mishandeling van zijn levensgezel, belaging en illegaal wapenbezit.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBAMS:2025:8405, Rechtbank Amsterdam, 23-10-2025, 13/219693-24
Rechtbank Amsterdam · Strafrecht; Materieel Strafrecht
ECLI:NL:RBGEL:2025:7102, Rechtbank Gelderland, 22-08-2025, 05/211166-23
Rechtbank Gelderland · Strafrecht
ECLI:NL:GHAMS:2024:3263, Gerechtshof Amsterdam, 26-11-2024, 200.327.517/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:GHAMS:2024:1745, Gerechtshof Amsterdam, 25-06-2024, 200.333.964/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
30 maart 2026
Instantie
Rechtbank OverijsselRechtsgebied
StrafrechtZaaknummer
16-206823-25 (P)
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBOVE:2026:1672