Juristi.nl
ECLI:NL:RBOVE:2026:1674Strafrecht

Stiefvader veroordeeld voor jarenlang misbruik van stiefdochter — RBOVE:2026:1674

zedenmisdrijf / kindermisbruik / seksueel binnendringen minderjarige

Eiser / verzoeker

Officier van justitie

Verweerder / gedaagde

Verdachte (stiefvader)

Verdachte veroordeeld voor seksueel misbruik van zijn stiefdochter, met name bewezen voor de nacht van 12 op 13 maart 2025; vrijgesproken van de incidenten op Curaçao, in Nieuwegein en overige momenten wegens onvoldoende steunbewijs.

  • Verklaring van het slachtoffer acht de rechtbank betrouwbaar en geloofwaardig, ondanks betwisting door de verdediging over gebrek aan detail en tegenstrijdigheden
  • Vrijspraak voor incidenten op Curaçao, Nieuwegein en overige momenten in Nederland wegens ontbreken van voldoende steunbewijs naast de verklaring van het slachtoffer
  • Bewijs rond voor de nacht van 12 op 13 maart 2025 in Haaksbergen op basis van telefoongegevens en zoekgeschiedenis van verdachte
  • Verdachtes verklaring dat het meisje uit eigen beweging zijn penis aanraakte wordt als volledig ongeloofwaardig verworpen en kan niet dienen als steunbewijs
  • Seksueel binnendringen en ontuchtige handelingen met minderjarig stiefkind bewezen verklaard voor de bewezen incidenten

Samenvatting

Een man uit Haaksbergen heeft jarenlang zijn stiefdochter seksueel misbruikt, beginnend toen zij acht jaar oud was. De rechtbank Overijssel veroordeelde hem op 31 maart 2026 voor meerdere zedenfeiten gepleegd met het meisje, dat inmiddels twaalf jaar is.

De verdachte ontkende alle aantijgingen. Volgens hem had zijn stiefdochter hem meerdere keren uit zichzelf aangeraakt — twee keer op Curaçao, een keer in Nieuwegein en een keer in Haaksbergen. De rechtbank verwierp deze verklaring als volledig ongeloofwaardig: het idee dat een meisje van acht tot twaalf jaar meerdere keren uit eigen beweging de penis van haar stiefvader zou aanraken, achtte de rechter ondenkbaar.

Het slachtoffer deed bij de politie een gedetailleerde verklaring over het misbruik. Ze koppelde de incidenten aan specifieke tijden en plaatsen, waaronder een culturele feestdag op Curaçao, een overnachting in Nieuwegein na aankomst in Nederland, en haar hoogslaper in Haaksbergen. Ze beschreef niet alleen wat er gebeurde, maar ook hoe het voelde: pijn, angst voor een zwangerschap op jonge leeftijd, angst voor de gevolgen als ze erover zou vertellen. Haar moeder bevestigde dat haar dochter 'helemaal overstuur' raakte en 'miljoenen emoties tegelijk' toonde toen ze haar vroeg of verdachte 'aan haar had gezeten'. De rechtbank vond de verklaring van het meisje consistent, betrouwbaar en geloofwaardig.

Toch kon de rechtbank niet alles bewezen verklaren. Voor seksueel misbruik te vereisen is naast de verklaring van het slachtoffer ook steunbewijs nodig. Over de incidenten op Curaçao, in Nieuwegein en de vele andere keren in Nederland ontbrak zulk bewijs grotendeels, mede doordat rechercheurs bij het verhoor onvoldoende hadden doorgevraagd. Telefonisch bewijs en de zoekgeschiedenis van verdachtes telefoon wezen alleen naar de nacht van 12 op 13 maart 2025 en konden niet worden gebruikt voor eerdere incidenten.

Voor die nacht van 12 op 13 maart 2025 in Haaksbergen was het bewijs wél rond. Naast de verklaring van het slachtoffer vond de rechtbank steunbewijs in berichten en zoekgeschiedenis op verdachtes telefoon. Voor die feiten — zowel het seksueel binnendringen als aanranding — werd verdachte veroordeeld. Ook voor één of meer andere, eerder bewezen verklaarde incidenten werd hij schuldig bevonden aan ontuchtige handelingen met zijn minderjarige stiefkind.

De rechtbank legde de verdachte een gevangenisstraf op van vier jaar, waarvan een deel voorwaardelijk, in combinatie met terbeschikkingstelling met dwangverpleging (tbs). Daarmee koos de rechter voor een maatregel gericht op langdurige behandeling, gezien de ernst van de feiten en het recidiverisico.

Betrokken advocaten

mr. J.C. Stam

verdachte

Thijs Geerdink Advocatenkantoor, BORNE

mr. J. Klomp

benadeelde partij

De Singel Advocaten, ENSCHEDE

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

31 maart 2026

Rechtsgebied

Strafrecht

Zaaknummer

08-078879-25

Procedure

Eerste aanleg - meervoudig

ECLI

ECLI:NL:RBOVE:2026:1674

Bekijk op rechtspraak.nl