ECLI:NL:RBROT:2017:10331, Rechtbank Rotterdam, 14-12-2017, 539795 / HA RK 17-1118 — RBROT:2017:10331
Samenvatting
Wrakingsverzoek afgewezen. Met de gewraakte opmerking van de rechter over de heer [X], inhoudende dat het hem vreemd voorkwam dat hij zowel een spermabank als een café had, heeft de rechter willen aangeven dat hij dit een bijzondere combinatie van werkzaamheden vond. De observatie van de rechter dat de combinatie van caféhouder en bewaarder van lichaamsmateriaal opmerkelijk is, komt de wrakingskamer niet onbegrijpelijk voor. De rechter heeft toegelicht dat hij met de gewraakte opmerking over ‘een vinger in de pap willen houden’ door de heer [Y] bedoelde dat hem uit het dossier is gebleken dat hij betrokken was geweest bij verschillende stichtingen die actief waren in hetzelfde vakgebied. De rechter heeft met deze opmerking niet beoogd een negatieve opmerking te maken over de persoon van de heer [Y]. Daar komt nog bij dat de uitspraak van de rechter over de rol van de heer [Y] is gedaan in de fase dat de uitwisseling van standpunten was afgerond en dat de rechter was overgegaan tot het globaal formuleren en motiveren van een oordeel over het voorliggende verzoek. Ter zitting is als aanvullende grond voor het wrakingsverzoek aangevoerd dat in het proces-verbaal van de zitting en de conceptbeslissing van de rechter geen aandacht is besteed aan de uitleg van verzoekster over de reikwijdte van de Wet veiligheid en kwaliteit lichaamsmateriaal. Deze aanvullende grond mist feitelijke grondslag omdat in de conceptbeslissing hierop wel is ingegaan. Het oordeel over de vraag of de daarbij gegeven motivering toereikend is, komt niet aan de wrakingskamer toe.
Betrokken advocaten
mr. R.E.I. Steen
verzoeker
mr. W.A.F. Damen
verzoeker
mr. R.J.E. Merkus
verzoeker
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBMNE:2025:165, Rechtbank Midden-Nederland, 27-01-2025, 10.045526.24 (P)
Rechtbank Midden-Nederland · Strafrecht
ECLI:NL:RBMNE:2024:3662, Rechtbank Midden-Nederland, 14-06-2024, 15-250253-23 (P)
Rechtbank Midden-Nederland · Strafrecht
ECLI:NL:RBNHO:2019:6432, Rechtbank Noord-Holland, 23-07-2019, 15/976021-14
Rechtbank Noord-Holland · Strafrecht
ECLI:NL:RBNHO:2019:6430, Rechtbank Noord-Holland, 23-07-2019, 15/976002-14
Rechtbank Noord-Holland · Strafrecht
Gegevens
Datum uitspraak
14 december 2017
Instantie
Rechtbank RotterdamRechtsgebied
Strafrecht; StrafprocesrechtZaaknummer
539795 / HA RK 17-1118
Procedure
Wraking
ECLI
ECLI:NL:RBROT:2017:10331