ECLI:NL:RBROT:2019:3756, Rechtbank Rotterdam, 17-04-2019, C/10/557961/HA ZA 18-848 — RBROT:2019:3756
Samenvatting
Over een periode van 3,5 jaar is meer dan € 281.000,- van de bankrekeningen van erflater opgenomen of afgeschreven, aanzienlijk meer dan in voorgaande jaren. Erfgenamen stellen vordering in tegen ‘verzorgster/vriendin’ van erflater, primair uit onrechtmatige daad. subsidiair uit onverschuldigde betaling op grond van artikel 6:203 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek van de Nederlandse Antillen. Gedaagde beroept zich op een overeenkomst, en toestemming van erflater voor de uitgaven. Behoudens door gedaagde te leveren tegenbewijs wordt voorshands bewezen geacht dat gedaagde zich gelden van erflater onrechtmatig heeft toegeëigend. Gedaagde zal worden wordt toegelaten tot het leveren van tegenbewijs.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHAMS:2025:3581, Gerechtshof Amsterdam, 18-11-2025, 200.357.274/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:GHAMS:2025:1709, Gerechtshof Amsterdam, 01-07-2025, 200.333.963/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:GHDHA:2024:2154, Gerechtshof Den Haag, 19-11-2024, 200.317.846/01
Gerechtshof Den Haag · Civiel Recht; Burgerlijk Procesrecht
ECLI:NL:GHDHA:2024:1574, Gerechtshof Den Haag, 02-07-2024, 200.337.716/01
Gerechtshof Den Haag · Civiel Recht; Insolventierecht
Gegevens
Datum uitspraak
17 april 2019
Instantie
Rechtbank RotterdamRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
C/10/557961/HA ZA 18-848
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBROT:2019:3756