ECLI:NL:RBROT:2021:10732, Rechtbank Rotterdam, 03-11-2021, C/10/560047 / HA ZA 18-960 — RBROT:2021:10732
Samenvatting
CMR-vervoer. Diefstal tijdens overstaan. Negatieve verklaringen voor recht gevorderd door partij die opdracht aannam, door (diens) contractueel vervoerder en door feitelijk vervoerder, inhoudende dat zij niet dan wel slechts tot CMR-limiet aansprakelijk zijn. Bevoegdheid. Eiseres in eerste zaak is geen CMR-vervoerder maar expediteur, zodat haar geen beroep op CMR-beperkingen toekomt en zij geen belang heeft bij de verklaring voor recht. Aan feitelijk en contractueel vervoerder komt dit beroep in de tweede respectievelijk derde zaak wel toe, nu geen overmacht of opzet of grove schuld is gebleken. Op ladingbelanghebbende rust ook bij een negatieve verklaring voor recht stelplicht en bewijslast ter zake van doorbrekingsgrond. In reconventie wordt ladingvordering toegewezen tot de CMR-limiet.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBROT:2026:850, Rechtbank Rotterdam, 28-01-2026, C/10/702858 / HA ZA 25-563
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBROT:2025:8962, Rechtbank Rotterdam, 23-07-2025, C/10/680409 / HA ZA 24-501
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBROT:2023:10262, Rechtbank Rotterdam, 08-11-2023, C/10/652797 / HA ZA 23-153
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBROT:2022:10460, Rechtbank Rotterdam, 30-11-2022, C/10/588113 / HA ZA 19-1181
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
3 november 2021
Instantie
Rechtbank RotterdamRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
C/10/560047 / HA ZA 18-960
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBROT:2021:10732