ECLI:NL:RBROT:2022:6008, Rechtbank Rotterdam, 20-07-2022, C/10/628981 / HA ZA 21-993 — RBROT:2022:6008
Samenvatting
Het gaat in deze zaak om het opleggen van een dwangsom (artikel 611a e.v. Rv) en/of het toepassen van lijfsdwang (artikel 585 e.v. Rv) bij de tenuitvoerlegging van de beschikking. Bevoegdheidsincident. Verwijzing naar BenGH 17 december 2009, ECLI:NL:XX:2009:BL5284 beantwoording vraag 2. Een latere uitspraak over de dwangsom hoeft niet noodzakelijk gegeven te worden door de rechter die de hoofdveroordeling heeft uitgesproken.
Betrokken advocaten
mr. D.J. van der Weerdt te Vlaardingen
eiser
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHAMS:2024:1080, Gerechtshof Amsterdam, 02-04-2024, 200.332.730/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
ECLI:NL:GHDHA:2023:1493, Gerechtshof Den Haag, 15-08-2023, 200.318.262/01
Gerechtshof Den Haag · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
ECLI:NL:RBNHO:2023:8042, Rechtbank Noord-Holland, 31-07-2023, C/15/340975 / KG ZA 23-309
Rechtbank Noord-Holland · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
ECLI:NL:GHAMS:2023:1755, Gerechtshof Amsterdam, 18-07-2023, 200.281.730/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
Gegevens
Datum uitspraak
20 juli 2022
Instantie
Rechtbank RotterdamRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
C/10/628981 / HA ZA 21-993
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBROT:2022:6008