ECLI:NL:RBROT:2024:2412, Rechtbank Rotterdam, 20-03-2024, C/10/675650 / KG ZA 24-213 — RBROT:2024:2412
Samenvatting
Kort geding. De subsidiaire vordering in conventie tot medewerking van gedaagde in conventie aan het opgraven en afgeven van het stoffelijk overschot aan eisers in conventie wordt toegewezen. Een belangenafweging leidt er namelijk toe dat de belangen van eisers in conventie zwaarder wegen. In voorwaardelijke reconventie moeten eisers in conventie die kosten waarvan aannemelijk is dat die in elk geval hoe dan ook gemaakt zouden zijn naar voorlopig oordeel in redelijkheid aan gedaagde in conventie vergoeden.
Betrokken advocaten
mr. M.C.J.G. Kathmann te Breda
eiser
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBROT:2026:52, Rechtbank Rotterdam, 08-01-2026, C/10/693513 / FA RK 25-720
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
ECLI:NL:RBZWB:2025:9491, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 05-12-2025, C/02/442179 / KG ZA 25-619
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
ECLI:NL:RBZWB:2025:9439, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 19-11-2025, C/02/430472 /HA ZA 25-15
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Civiel Recht
ECLI:NL:RBZWB:2025:7027, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 15-10-2025, 11599439 \ CV EXPL 25-1280 (E)
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
20 maart 2024
Instantie
Rechtbank RotterdamRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
C/10/675650 / KG ZA 24-213
Procedure
Kort geding
ECLI
ECLI:NL:RBROT:2024:2412