Juristi.nl
ECLI:NL:RBROT:2025:11625Civiel Recht; Verbintenissenrecht

ECLI:NL:RBROT:2025:11625, Rechtbank Rotterdam, 01-10-2025, C/10/693238 / HA ZA 25-102 — RBROT:2025:11625

Samenvatting

Partijen zijn ex-echtgenoten. De vrouw vordert een verklaring voor recht dat de man onrechtmatig jegens haar heeft gehandeld en vordert een geldbedrag van de man omdat hij dat bedrag zonder haar toestemming en medeweten van haar naar zijn bankrekening zou hebben overgemaakt. Volgens de man heeft de vrouw dit zelf overgemaakt en was er sprake van een schenking. De rechtbank overweegt dat de bewijslast bij de vrouw ligt ogv artikel 150 Rv. en wijst de vorderingen af omdat zij niet geslaagd is in het bewijs. De vrouw heeft onvoldoende gesteld om van de bewijslastverdeling af te wijken zoals bepaald is in artikel 7:176 BW (vernietigbaarheid van een schenking door misbruik van omstandigheden).

Betrokken advocaten

mr. S. Süzen

eiser

Erasmus Advocatenkantoor, ROTTERDAM

mr. P.A. van Hecke

eiser

Advocatenkantoor Van Hecke, ROTTERDAM

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

1 oktober 2025

Zaaknummer

C/10/693238 / HA ZA 25-102

Procedure

Eerste aanleg - enkelvoudig

ECLI

ECLI:NL:RBROT:2025:11625

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

RBROT:2026:2629
Rechtbank Rotterdam·18 maart 2026
Civiel Recht; Verbintenissenrecht
RBROT:2026:2626
Rechtbank Rotterdam·18 maart 2026
Civiel Recht; Verbintenissenrecht
RBROT:2026:2390
Rechtbank Rotterdam·13 maart 2026
Civiel Recht; Verbintenissenrecht
RBROT:2026:2917
Rechtbank Rotterdam·13 maart 2026
Civiel Recht; Verbintenissenrecht
RBROT:2026:2493
Rechtbank Rotterdam·13 maart 2026
Civiel Recht; Verbintenissenrecht