Juristi.nl
ECLI:NL:RBROT:2025:12420Civiel Recht

ECLI:NL:RBROT:2025:12420, Rechtbank Rotterdam, 22-10-2025, 665787 HA ZA 23-817 — RBROT:2025:12420

Samenvatting

Tussenvonnis. Vervolg op ECLI:NL:RBROT:2024:4770. Tegenbewijs tegen wettelijk vermoeden van artikel 1:141 lid 3 BW niet geleverd. Het gehele vermogen op de peildatum wordt vermoed verrekenplichtig vermogen te zijn. Vastgesteld moet worden of sprake is van benadeling voor meer dan een kwart als bedoeld in artikel 3:196 lid 1 BW. Op de peildatum aanwezige schulden worden (evenals de op die datum aanwezige goederen) vermoed tot het verrekenplichtig vermogen te behoren. Eiseres wordt toegelaten tegenbewijs te leveren tegen dit vermoeden, waarbij gedaagde gehouden is de informatie die eiseres daarvoor nodig heeft aan te leveren, voor zover hij daarover beschikt. Eiseres moet ingevolge artikel 150 Rv ook bewijs leveren van de waarde van bepaalde tot het vermogen behorende goederen.

Betrokken advocaten

mr. P.A. van Hecke

eiser

Advocatenkantoor Van Hecke, ROTTERDAM

mr. J.D. Bakker

eiser

Kortman Advocaten, 'S-GRAVENHAGE

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

22 oktober 2025

Rechtsgebied

Civiel Recht

Zaaknummer

665787 HA ZA 23-817

Procedure

Eerste aanleg - enkelvoudig

ECLI

ECLI:NL:RBROT:2025:12420

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

RBROT:2026:2592
Rechtbank Rotterdam·13 mrt 2026
Civiel Recht
RBROT:2026:2409
Rechtbank Rotterdam·11 mrt 2026
Civiel Recht
RBROT:2026:2452
Rechtbank Rotterdam·11 mrt 2026
Civiel Recht
RBROT:2026:2495
Rechtbank Rotterdam·11 mrt 2026
Civiel Recht
RBROT:2026:2488
Rechtbank Rotterdam·9 mrt 2026
Civiel Recht