ECLI:NL:RBROT:2025:3808, Rechtbank Rotterdam, 14-02-2025, 24-018780 & 24-018781 (UTL-I-2022037442) — RBROT:2025:3808
Samenvatting
Niet-ontvankelijkverklaring verzoeker in verzoeken tot vergoeding van schade als gevolg van de uitleveringsdetentie en kosten voor rechtsbijstand in de uitleveringszaak en verzoekschriftprocedure (artt. 59 lid 1 UW jo. 533 Sv en artt 59 lid 2 UW jo 530 Sv), omdat geen sprake is van een situatie waarin de wetgever de mogelijkheid van vergoeding van deze schade/kosten op grond van de UW in verbinding met Sv heeft willen openstellen. De uitlevering van verzoeker is door de rechtbank toelaatbaar verklaard. De Hoge Raad heeft deze uitspraak vernietigd en de officier van justitie niet-ontvankelijk verklaard in de vordering tot het in behandeling nemen van het uitleveringsverzoek, vanwege het feit dat lopende het cassatieberoep het uitleveringsverzoek is ingetrokken. Van een ontoelaatbaarverklaring is daarmee geen sprake, terwijl voor een geval als dit, waarin het uitleveringsverzoek is ingetrokken, ook geen grond bestaat voor het toekennen van een vergoeding.
Betrokken advocaten
mr. C. Goedegebuure
verzoeker
mr. C.L.E. McGivern
verzoeker
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBLIM:2025:11493, Rechtbank Limburg, 21-11-2025, 03/348638-24
Rechtbank Limburg · Strafrecht
ECLI:NL:RBAMS:2025:8612, Rechtbank Amsterdam, 11-11-2025, 13/338293-24
Rechtbank Amsterdam · Strafrecht; Europees Strafrecht
ECLI:NL:RBAMS:2025:9929, Rechtbank Amsterdam, 28-10-2025, 13/065765-24
Rechtbank Amsterdam · Strafrecht; Materieel Strafrecht
ECLI:NL:RBNHO:2025:12015, Rechtbank Noord-Holland, 21-10-2025, 15-036919-24
Rechtbank Noord-Holland · Strafrecht
Gegevens
Datum uitspraak
14 februari 2025
Instantie
Rechtbank RotterdamRechtsgebied
StrafrechtZaaknummer
24-018780 & 24-018781 (UTL-I-2022037442)
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBROT:2025:3808