ECLI:NL:RBROT:2025:4554, Rechtbank Rotterdam, 15-04-2025, C/10/684402 / HA ZA 24-712 — RBROT:2025:4554
Samenvatting
De rechtbank komt tot de conclusie dat B.D.S. c.s. op 26 mei 2023 werkzaamheden hebben verricht die vallen onder hulpverlening als bedoeld in artikel 1 Hulpverleningsverdrag 1989. De werkzaamheden die B.D.S. c.s. in de dagen na het incident stellen te hebben verricht om bitumen op te ruimen vallen buiten het bestek van hulpverlening, omdat toen geen sprake (meer) was van gevaar. De vraag of B.D.S. c.s. recht hebben op hulploon kan de rechtbank nog niet beantwoorden, omdat hiervoor eerst vast moet komen te staan of de werkzaamheden van B.D.S. c.s. op 26 mei 2023 hebben geleid tot een gunstig gevolg voor het schip en /of de lading. Op dit punt wenst de rechtbank voorlichting door een deskundige. Met het oog op de eventueel vast te stellen hoogte van het hulploon mag Eiltank vast een akte nemen om de door haar gestelde schade aan het schip nader te onderbouwen. Alle verdere beslissingen worden aangehouden.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBROT:2024:11264, Rechtbank Rotterdam, 30-10-2024, C/10/651429 / HA ZA 23-74
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBROT:2023:11769, Rechtbank Rotterdam, 13-12-2023, C/10/642801 / HA ZA 22-633
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:GHDHA:2023:531, Gerechtshof Den Haag, 28-03-2023, 200.283.452/01
Gerechtshof Den Haag · Civiel Recht; Ondernemingsrecht
ECLI:NL:RBROT:2023:1367, Rechtbank Rotterdam, 15-02-2023, C/10/634400 / HA ZA 22-190
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
15 april 2025
Instantie
Rechtbank RotterdamRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
C/10/684402 / HA ZA 24-712
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBROT:2025:4554