Juristi.nl
ECLI:NL:RBROT:2025:5757Civiel Recht

ECLI:NL:RBROT:2025:5757, Rechtbank Rotterdam, 14-05-2025, C/10/697703 / KG ZA 25-312 — RBROT:2025:5757

Samenvatting

Kort geding. Vordering tot uitsluitend gebruik huurwoning. Belangenafweging. Het belang van het minderjarige kind van partijen vormt de eerste overweging in de beoordeling van de zaak. Artikel 3 lid 1 IVRK. De belangen van partijen zelf zijn voor een belangrijk deel gelijk. De man heeft op twee punten een net iets groter belang dan de vrouw om in de woning te blijven wonen. Het huurrecht van de woning komt dan ook voorlopig toe aan de man. De voorzieningenrechter verbindt daaraan wel de voorwaarde dat de man binnen zes weken een bodemprocedure moet starten met als inzet de vraag wie van partijen de woning definitief mag blijven huren. Dwangsom afgewezen. Overige tegenvorderingen ook afgewezen.

Betrokken advocaten

mr. S. Meeuwsen

eiser

Meeuwsen Van den Pol Advocaten, GORINCHEM

mr. C.E. Willemsen

eiser

LNW advocaten en mediators, GORINCHEM

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

14 mei 2025

Rechtsgebied

Civiel Recht

Zaaknummer

C/10/697703 / KG ZA 25-312

Procedure

Kort geding

ECLI

ECLI:NL:RBROT:2025:5757

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

RBROT:2026:2592
Rechtbank Rotterdam·13 maart 2026
Civiel Recht
RBROT:2026:2409
Rechtbank Rotterdam·11 maart 2026
Civiel Recht
RBROT:2026:2452
Rechtbank Rotterdam·11 maart 2026
Civiel Recht
RBROT:2026:2495
Rechtbank Rotterdam·11 maart 2026
Civiel Recht
RBROT:2026:2488
Rechtbank Rotterdam·9 maart 2026
Civiel Recht