ECLI:NL:RBROT:2025:5775, Rechtbank Rotterdam, 14-05-2025, ROT 23/7162 — RBROT:2025:5775
Samenvatting
Verzoek om herziening van boete opgelegd voor een overtreding van de Wet dieren. Wat er ook zij van de afdoeningswijze in de primaire fase, verweerder mocht in de beslissing op bezwaar besluiten het herzieningsverzoek niet inhoudelijk te behandelen; verweerder concludeert terecht dat geen sprake is van nieuwe feiten of omstandigheden. Ook is de weigering om de boete te herzien niet evident onredelijk. Beroep ongegrond maar wel toekenning van pkv en griffierecht omdat verweerder pas na het bestreden besluit een volledige motivering heeft gegeven ten aanzien van de evident onredelijkheidstoets.
Betrokken advocaten
mr. A.C.M. Brom
eiser
mr. L.C.M. Harteveld
eiser
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBOBR:2025:8214, Rechtbank Oost-Brabant, 17-12-2025, 24/2592
Rechtbank Oost-Brabant · Bestuursrecht; Bestuursprocesrecht
ECLI:NL:CBB:2025:603, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 18-11-2025, 24/429
College van Beroep voor het bedrijfsleven · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBOBR:2025:5719, Rechtbank Oost-Brabant, 11-09-2025, 25/932
Rechtbank Oost-Brabant · Bestuursrecht; Omgevingsrecht
ECLI:NL:RBOBR:2025:5720, Rechtbank Oost-Brabant, 11-09-2025, 25/930
Rechtbank Oost-Brabant · Bestuursrecht; Omgevingsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
14 mei 2025
Instantie
Rechtbank RotterdamRechtsgebied
Bestuursrecht; BestuursstrafrechtZaaknummer
ROT 23/7162
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBROT:2025:5775