Juristi.nl
ECLI:NL:RBROT:2026:1605Strafrecht

ECLI:NL:RBROT:2026:1605, Rechtbank Rotterdam, 09-02-2026, 25/013934 — RBROT:2026:1605

Samenvatting

Bezwaarschrift ex 552a Sv (EOM)ongegrond. Beslag op diverse rekeningen en onroerende goederen van klaagster in Duitsland en Italië. Redelijk vermoeden van schuld van misdrijven waarvoor een geldboete van de vijfde categorie kan worden opgelegd. Niet hoogst onwaarschijnlijk dat de strafrechter later oordelend aan klaagster een geldboete dan wel verplichting tot betaling van een geldbedrag ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel zal opleggen. Proportionaliteitsverweer: beslag staat in verhouding tot een evt op te leggen geldboete of ontnemingsmaatregel. Dat klaagster bij voortduring van het beslag niet in staat is om in meerdere landen de kosten van de door haar gewenste raadslieden te betalen acht de rechtbank onvoldoende onderbouwd en levert op basis van de thans beschikbare informatie geen schending van artikel 6 EVRM op.

Betrokken advocaten

mr. P.P.A.M. Notenboom

verdachte

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

9 februari 2026

Rechtsgebied

Strafrecht

Zaaknummer

25/013934

Procedure

Eerste aanleg - meervoudig

ECLI

ECLI:NL:RBROT:2026:1605

Bekijk op rechtspraak.nl