ECLI:NL:RBROT:2026:1655, Rechtbank Rotterdam, 26-01-2026, FT EA 26-5 — RBROT:2026:1655
Samenvatting
De administrators in een naar het recht van Engeland en Wales geopende insolventieprocedure (Administration), betreffende een vennootschap naar recht van Engeland en Wales met een nevenvestiging in Nederland, hebben de rechtbank verzocht om een rechter-commissaris te benoemen, die ex artikel 68 lid 4 Faillissementswet (Fw) machtiging tot beëindiging van arbeidsovereenkomsten kan verlenen. Artikel 68 lid 4 Fw is ingevoerd in verband met artikel 13 lid 2 van de EU-Insolventieverordening (IVO) voor het geval er geen faillissementsprocedure in Nederland is geopend en er (dus) geen rechter-commissaris is benoemd die toestemming kan verlenen voor opzegging van arbeidsovereenkomsten door de hoofdinsolventiefunctionaris. Nu het in deze zaak een Administration naar het recht van Engeland en Wales betreft en het Verenigd Koninkrijk niet langer een EU-lidstaat is, worden de gevolgen van de Administration voor arbeidsovereenkomsten niet beheerst door artikel 13 IVO. De rechtbank wijst het verzoek af.
Betrokken advocaten
HVG Law, UTRECHT
HVG Law, AMSTERDAM
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBROT:2025:14718, Rechtbank Rotterdam, 16-12-2025, C/10/711430 / KG ZA 25-1225
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht; Burgerlijk Procesrecht
ECLI:NL:RBAMS:2025:7198, Rechtbank Amsterdam, 17-09-2025, C/13/748965 / HA ZA / 24-326
Rechtbank Amsterdam · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBAMS:2024:6960, Rechtbank Amsterdam, 13-11-2024, C13/24.19 S
Rechtbank Amsterdam · Civiel Recht; Insolventierecht
ECLI:NL:RBAMS:2024:2499, Rechtbank Amsterdam, 24-04-2024, C/13/732717 / HA ZA 23-391
Rechtbank Amsterdam · Civiel Recht; Burgerlijk Procesrecht
Gegevens
Datum uitspraak
26 januari 2026
Instantie
Rechtbank RotterdamRechtsgebied
Civiel Recht; InsolventierechtZaaknummer
FT EA 26-5
Procedure
Beschikking
ECLI
ECLI:NL:RBROT:2026:1655