ECLI:NL:RBZWB:2019:4230, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 28-08-2019, BRE - 17 _ 688 — RBZWB:2019:4230
Samenvatting
Naheffingsaanslag Motorrijtuigenbelasting Artikel 34 Wet MRB; artikel 67c AWR; paragraaf 34 BBBB. Naheffing in buitenlandse-kentekensituatie met de maximale verzuimboete. Uitgangspunt van 100%-boete? De rechtbank oordeelt dat de naheffingsaanslag in stand blijft. Inzake de verzuimboete oordeelt de rechtbank dat de omstandigheid dat de hoogte van de nageheven belasting is komen vast te staan met toepassing van het berekeningsvoorschrift, hier geen aanleiding is voor boetematiging, aangezien eerder wel dan niet aannemelijk is dat de auto aan belanghebbende ter beschikking stond in Nederland in de gehele berekeningsperiode. De rechtbank ziet echter – anders dan de inspecteur – geen aanleiding om dan zonder meer het uitgangspunt van een 100%-boete te hanteren en geeft daarvoor verschillende argumenten. Gelet op alle omstandigheden van het geval matigt de rechtbank de boete tot € 2.375 (inclusief matiging voor undue delay).
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBNNE:2026:228, Rechtbank Noord-Nederland, 23-01-2026, LEE 25/1271
Rechtbank Noord-Nederland · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBGEL:2025:10819, Rechtbank Gelderland, 11-12-2025, ARN 23/5115
Rechtbank Gelderland · Bestuursrecht; Bestuursprocesrecht
ECLI:NL:RBLIM:2025:12205, Rechtbank Limburg, 10-12-2025, 03.161574.25, 03.216801.23 (tul)
Rechtbank Limburg · Strafrecht
ECLI:NL:RBLIM:2025:12016, Rechtbank Limburg, 05-12-2025, ROE 23/2138
Rechtbank Limburg · Bestuursrecht
Gegevens
Datum uitspraak
28 augustus 2019
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-BrabantRechtsgebied
Bestuursrecht; BelastingrechtZaaknummer
BRE - 17 _ 688
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBZWB:2019:4230