ECLI:NL:RBZWB:2021:3853, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 01-07-2021, C/02/385353 / KG ZA 21-196 — RBZWB:2021:3853
Samenvatting
“Vordering in conventie tot nakoming van het tussen werkgever en voormalig werknemer geldende concurrentiebeding, betaling van voorschotten op boetes en om dienstverband tussen voormalig werknemer en nieuwe werkgever te beëindigen. Vordering in reconventie tot schorsing van het concurrentie- en boetebeding, het gedogen van de indiensttreding bij de nieuwe werkgever, tot het instellen van een verbod tot het opeisen van de boetes, tot het betalen van een voorschot op de te betalen vergoeding bij de instandhouding van het concurrentiebeding en/of matiging van de boetes. Onvoldoende is aannemelijk dat het bedrijfsdebiet wordt aangetast door indiensttreding bij nieuwe werkgever, nu de werknemer onvoldoende commercieel inzicht had in oude functie en, gelet op de inhoud van het concurrentiebeding, is voldoende aannemelijk dat het beding (gedeeltelijk) zal worden vernietigd in een bodemprocedure. Conventie wordt afgewezen en primaire vordering in reconventie toegewezen.”
Betrokken advocaten
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBROT:2025:558, Rechtbank Rotterdam, 15-01-2025, 11353362 VZ VERZ 24-8817
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht; Arbeidsrecht
ECLI:NL:RBZWB:2024:505, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 17-01-2024, C/02/409404 / HA ZA 23-264 (E)
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBROT:2022:11201, Rechtbank Rotterdam, 07-12-2022, C/10/647411 / KG ZA 22-931
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBROT:2020:5148, Rechtbank Rotterdam, 20-05-2020, C/10/592263 / KG ZA 20-190
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
1 juli 2021
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-BrabantRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
C/02/385353 / KG ZA 21-196
Procedure
Kort geding
ECLI
ECLI:NL:RBZWB:2021:3853