ECLI:NL:RBZWB:2022:2826, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 24-05-2022, AWB - 20 _ 7327 — RBZWB:2022:2826
Samenvatting
Belanghebbende is (mede)eigenaar van een paardencomplex, dat (in ieder geval deels) wordt gebruikt door een BV waarvan belanghebbende enig aandeelhouder is. Naar het oordeel van de rechtbank is de inspecteur er terecht vanuit gegaan dat het gehele paardencomplex door belanghebbende aan de BV ter beschikking is gesteld en niet slechts enkele stallen. Het in aanmerking genomen resultaat uit terbeschikkingstelling is voorts niet te hoog, nu de inspecteur is uitgegaan van een lager bedrag dan de in het controlerapport vermelde huurprijs van een vergelijkbare paardenhouderij. Beroep ongegrond.
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBZWB:2022:5188, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 08-09-2022, 83-185120-21
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Strafrecht
ECLI:NL:RBOBR:2018:2088, Rechtbank Oost-Brabant, 01-05-2018, 01/997597-15
Rechtbank Oost-Brabant · Strafrecht
ECLI:NL:RBZWB:2016:4550, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 21-07-2016, AWB - 15 _ 3212
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Bestuursrecht; Ambtenarenrecht
ECLI:NL:RBZWB:2016:1413, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 10-03-2016, AWB - 15 _ 5251
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Bestuursrecht; Belastingrecht
Gegevens
Datum uitspraak
24 mei 2022
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-BrabantRechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
AWB - 20 _ 7327
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBZWB:2022:2826