ECLI:NL:RBZWB:2023:6549, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 13-09-2023, 10029790 CV EXPL 22-2885 (E) — RBZWB:2023:6549
Samenvatting
Art. 7:230a BW. Huur bedrijfsruimte. Huurder verlaat het pand voor het einde van de huurovereenkomst en betaalt de laatste huurfacturen niet. Zij stelt dat een derde het pand is gaan gebruiken. Ook het voorschot op de servicekosten wil zij niet betalen omdat zij geen energie meer verbruikt. Het geschil ziet daarnaast op de betaling van zogenoemde R&D-werkzaamheden die maandelijks werden gefactureerd. Een vordering wegens niet-nakoming moet bij (een andere kamer dan voor kantonzaken van) de rechtbank worden aangebracht. Beroep op opschorting en verrekening worden verworpen. Matiging van contractuele boetes.
Betrokken advocaten
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2025:27612, Rechtbank Den Haag, 18-11-2025, C/09/691335 / HA RK 25-488
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht
ECLI:NL:RBDHA:2024:14478, Rechtbank Den Haag, 11-09-2024, C/09/653944 / HA-ZA 23-827
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht; Intellectueel-eigendomsrecht
ECLI:NL:RBGEL:2022:5238, Rechtbank Gelderland, 07-09-2022, C/05/391219 / HA ZA 21-381
Rechtbank Gelderland · Civiel Recht
ECLI:NL:RBROT:2021:8977, Rechtbank Rotterdam, 25-08-2021, C/10/599819 / HA ZA 20-641
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
13 september 2023
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-BrabantRechtsgebied
Civiel Recht; VerbintenissenrechtZaaknummer
10029790 CV EXPL 22-2885 (E)
Procedure
Bodemzaak
ECLI
ECLI:NL:RBZWB:2023:6549