Juristi.nl
ECLI:NL:RBZWB:2023:7506Civiel Recht; Arbeidsrecht

ECLI:NL:RBZWB:2023:7506, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 25-10-2023, 9672602 \ CV EXPL 22-477 (E) — RBZWB:2023:7506

Samenvatting

Wijziging pensioenregeling werknemers: van middelloonregeling naar premieregeling. Een aantal werknemers gaat niet akkoord met de door werkgever beoogde wijziging en vordert (primair) voortzetting van de middelloonregeling. De strekking van artikel 7:613 BW brengt mee dat wanneer de werkgever zich beroept op een eenzijdig wijzigingsbeding, zoals in dit geval, de rechter – met inachtneming van alle omstandigheden van het geval – moet beoordelen of het belang van de werkgever bij wijziging van de arbeidsvoorwaarde, ten opzichte van het belang van de werknemer bij ongewijzigde instandhouding van de arbeidsvoorwaarde, zodanig zwaarwichtig is, dat het belang van de werknemer op gronden van redelijkheid en billijkheid moet wijken voor het belang van de werkgever. Bij deze belangenafweging wordt het gewicht van de belangen van de werkgever bij het doorvoeren van de wijziging mede bepaald door het gewicht van de belangen van de werknemer die daartegenover staan. Het gaat hierbij niet om een onaanvaardbaarheidstoets, maar om een strenge redelijkheidstoets. Al met al is de kantonrechter van oordeel dat het belang van werkgever bij wijziging van de pensioenregeling, ten opzichte van het belang van eisers bij ongewijzigde instandhouding van de pensioenregeling, zodanig zwaarwichtig is, dat het belang van eisers op gronden van redelijkheid en billijkheid moet wijken voor het belang van werkgever. Daarvoor zijn - kort gezegd - de volgende omstandigheden redengevend: de kosten van de middelloonregeling werden buitenproportioneel hoog, ook vertegenwoordigers van werknemer waren het erover eens dat de pensioenregeling veranderd moest worden en zijn bij de onderhandelingen betrokken geweest, het extra risico dat de nieuwe pensioenregeling behelst is relatief en de werknemers zijn op verschillende, adequate manieren gecompenseerd voor de wijziging en het extra risico.

Betrokken advocaten

mr. G.J. Knotter

eiser

Wout van Veen Advocaten, UTRECHT

mr. A.F. de Koning

eiser

Ten Advocaten, 'S-HERTOGENBOSCH

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

25 oktober 2023

Zaaknummer

9672602 \ CV EXPL 22-477 (E)

Procedure

Bodemzaak

ECLI

ECLI:NL:RBZWB:2023:7506

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

RBZWB:2026:2132
Rechtbank Zeeland-West-Brabant·19 mrt 2026
Civiel Recht; Arbeidsrecht
RBZWB:2026:1747
Rechtbank Zeeland-West-Brabant·12 mrt 2026
Civiel Recht; Arbeidsrecht
RBZWB:2026:1757
Rechtbank Zeeland-West-Brabant·12 mrt 2026
Civiel Recht; Arbeidsrecht
RBZWB:2026:2187
Rechtbank Zeeland-West-Brabant·6 mrt 2026
Civiel Recht; Arbeidsrecht
RBZWB:2026:1329
Rechtbank Zeeland-West-Brabant·2 mrt 2026
Civiel Recht; Arbeidsrecht