Rechtbank verlengt tbs doodslager met twee jaar wegens hoog recidiverisico — RBZWB:2026:2226
verlenging terbeschikkingstelling (tbs)
Eiser / verzoeker
Officier van justitie
Verweerder / gedaagde
Betrokkene (tbs-gestelde)
De rechtbank verlengt de terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege met twee jaar.
- Tbs met verpleging van overheidswege verlengd met twee jaar op grond van onverminderd hoog recidiverisico bij gewelddadig gedrag
- Betrokkene heeft LFPZ-status; uitstroom naar minder beveiligde instelling of beëindiging van tbs wordt niet als reële optie gezien
- Behandeling is niet langer gericht op resocialisatie maar op kwaliteit van leven binnen de kliniek
- Alle deskundigen (instelling, psychiater en psycholoog) adviseerden unaniem verlenging met twee jaar
- Rechtbank oordeelt dat aan wettelijke criteria voor verlenging is voldaan: recidivegevaar vloeit voort uit schizofrenie en verstandelijke beperking
Samenvatting
Een man die in 2001 werd veroordeeld voor doodslag zit al meer dan twintig jaar in een hoog beveiligde tbs-kliniek. De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft zijn terbeschikkingstelling opnieuw verlengd met twee jaar. De man, geboren in 1959, verblijft in een LFPZ-voorziening — een Landelijke Forensisch Psychiatrische Zorgunit voor de zwaarste en meest behandelresistente tbs-patiënten.
Bij de man is sprake van een combinatie van ernstige psychiatrische en cognitieve problemen: schizofrenie, een verstandelijke beperking, antisociale persoonlijkheidstrekken en een alcoholverslaving die al jaren in remissie is in de gecontroleerde omgeving van de kliniek. Zowel de behandelende instelling als twee onafhankelijke gedragsdeskundigen — een psychiater en een psycholoog — adviseerden unaniem de tbs met twee jaar te verlengen.
De experts omschrijven de situatie als uitzichtloos wat betreft verdere behandeling. De man is moeilijk stuurbaar en vertoont regelmatig dreigend gedrag en fysieke agressie, waarvoor hij geregeld in een time-out moet of stevig moet worden aangesproken. Het is niet gelukt een betrouwbaar risicomanagementplan op te stellen dat begeleid verlof mogelijk zou maken. Uitstroom naar een minder zwaar beveiligde instelling wordt niet als haalbare optie gezien.
De behandeling is inmiddels niet meer gericht op terugkeer in de samenleving, maar op het bieden van zo veel mogelijk kwaliteit van leven binnen de instelling. Als de tbs zou worden beëindigd, schatten alle betrokkenen het risico op gewelddadige recidive als hoog in.
De man zelf is het niet eens met de verlenging. Hij verklaarde ter zitting dat er een einde moet komen aan zijn tbs en dat hij graag elders wil gaan wonen. Zijn advocaat sloot zich aan bij dit standpunt. De officier van justitie bleef bij de vordering tot verlenging.
De rechtbank volgde de adviezen van de deskundigen volledig. Omdat het recidivegevaar onverminderd hoog is en rechtstreeks voortvloeit uit de psychiatrische stoornissen van de man, is aan de wettelijke vereisten voor verlenging voldaan. De tbs met verpleging van overheidswege werd verlengd met twee jaar, tot maart 2028.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2026:2054, Rechtbank Den Haag, 05-02-2026, NL24.11605
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2026:2053, Rechtbank Den Haag, 05-02-2026, NL24.11607
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:21899, Rechtbank Den Haag, 17-11-2025, NL25.7520
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:21910, Rechtbank Den Haag, 17-11-2025, NL25.13440
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
26 maart 2026
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-BrabantRechtsgebied
StrafrechtZaaknummer
02-001223-01
Procedure
Op tegenspraak
ECLI
ECLI:NL:RBZWB:2026:2226