Juristi.nl
ECLI:NL:RBZWB:2026:2400Strafrecht

Man veroordeeld voor nachtelijke woninginbraak, vrijgesproken van vernieling — RBZWB:2026:2400

woninginbraak / vernieling / strafoplegging

Eiser / verzoeker

Officier van justitie (Openbaar Ministerie)

VS

Verweerder / gedaagde

Verdachte

Verdachte veroordeeld tot 240 uur taakstraf en 2 maanden voorwaardelijke gevangenisstraf (proeftijd 2 jaar) voor de woninginbraak; vrijgesproken van de vernieling.

  • Vrijspraak voor vernieling: bloedspoor op trottoir-gelegen kozijn zonder foto's van exacte locatie onvoldoende om daderbetrokkenheid vast te stellen
  • Strafuitgangspunt verhoogd naar 6 maanden gevangenisstraf vanwege kwetsbaar slachtoffer, nachtelijk tijdstip en aanwezigheid met bivakmutsen in slaapkamer
  • Tijdsverloop en schoon strafblad voor vermogensdelicten leidden tot omzetting naar taakstraf met voorwaardelijke gevangenisstraf
  • Artikel 63 Sr toegepast, maar eerdere veroordelingen wogen niet in het voordeel van verdachte omdat de feiten te veel verschilden
  • Inbraak dateert uit 2018, verdachte pas in 2025 als verdachte geïdentificeerd via DNA-match: geen overschrijding redelijke termijn

Samenvatting

Een man uit Utrecht terechtstond voor twee feiten: een woninginbraak in 2018 en vernieling van ruiten in 2022. De rechtbank in Breda sprak hem vrij van de vernieling, maar veroordeelde hem voor de inbraak.

De inbraak vond in de nacht van 22 september 2018 plaats in een woning. Een oudere vrouw lag te slapen en werd wakker van geluiden. Toen ze opkeek, stonden er twee mannen met bivakmutsen naast haar bed. Zij stalen een telefoon, een iPad-mini, een kistje met juwelen en geld. De verdachte was op dat moment achttien jaar oud. Hij werd pas jaren later als verdachte geïdentificeerd na een DNA-match in 2025.

Voor de vernieling van ruiten in februari 2022 was een bloeddruppel op het raamkozijn het enige bewijs. DNA-onderzoek wees de verdachte met een kans van één op één miljard aan als donor van dat bloed. Hij betwistte dat ook niet, maar gaf een alternatieve verklaring voor de aanwezigheid van zijn DNA. De rechtbank constateerde dat het kozijn direct aan het trottoir lag, dat er geen foto's waren van de exacte plek van het bloedspoor en dat niet was vastgesteld dat het bloed door een dader was achtergelaten. Omdat het alternatieve scenario niet kon worden uitgesloten, volgde vrijspraak voor dit feit.

Bij de straftoemeting woog de rechtbank zwaar mee hoe ingrijpend de inbraak voor het slachtoffer moet zijn geweest. Zij werd midden in de nacht geconfronteerd met twee indringers in haar eigen slaapkamer. De rechtbank noemde dat 'ongelooflijk beangstigend' en benadrukte dat gevolgen van een woninginbraak verder gaan dan materiële schade: het gevoel van veiligheid in de eigen woning wordt aangetast.

Hoewel de verdachte ter zitting de inbraak alsnog bekende, vond de rechtbank dat hij niet echt doordrongen leek van de ernst van zijn handelen. Hij gaf aan dat hij jong was en snel geld wilde verdienen. Als strafverzwarende omstandigheden noemde de rechtbank het nachtelijke tijdstip, de kwetsbaarheid van het slachtoffer, de emotionele waarde van de gestolen goederen en het feit dat de inbraak door twee personen werd gepleegd. Op basis daarvan stelde de rechtbank het strafuitgangspunt op zes maanden gevangenisstraf — aanzienlijk meer dan de officier van justitie had gevorderd.

Aan de andere kant hield de rechtbank rekening met het grote tijdsverloop. De verdachte is inmiddels een volwassen man die zijn leven opbouwt en is na de inbraak niet meer veroordeeld voor vermogensdelicten. Formeel is de redelijke termijn niet overschreden, omdat hij pas in 2025 als verdachte in beeld kwam. De rechtbank achtte een geheel onvoorwaardelijke gevangenisstraf daarom niet passend.

Uiteindelijk veroordeelde de rechtbank de verdachte tot een taakstraf van 240 uur, met 120 dagen vervangende hechtenis als hij die niet naar behoren uitvoert, en daarnaast een voorwaardelijke gevangenisstraf van twee maanden met een proeftijd van twee jaar. De voorwaardelijke straf moet hem gedurende langere tijd bewust houden van de ernst van zijn daad.

Betrokken advocaten

mr. A.W. Syrier

verdachte

Strafwerk advocaten, UTRECHT

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

31 maart 2026

Rechtsgebied

Strafrecht

Zaaknummer

02-301145-25

Procedure

Op tegenspraak

ECLI

ECLI:NL:RBZWB:2026:2400

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

Rechter legt veelpleger voorwaardelijke ISD-maatregel op na reeks diefstallen
Rechtbank Zeeland-West-Brabant·2 april 2026
Strafrecht
Tilburgse man veroordeeld voor drugshandel via ANOM-telefoon
Rechtbank Zeeland-West-Brabant·2 april 2026
Strafrecht
Verdachte vrijgesproken van witwassen wegens onvoldoende onderzoek OM
Rechtbank Zeeland-West-Brabant·2 april 2026
Strafrecht
Vrouw uit Reimerswaal veroordeeld voor bedreigingen en gevaarlijk rijgedrag
Rechtbank Zeeland-West-Brabant·2 april 2026
Strafrecht