ECLI:NL:RVS:2018:3141, Raad van State, 25-09-2018, 201706489/1/V1 — RVS:2018:3141
Samenvatting
Bij besluit van 8 september 2016 heeft de staatssecretaris de aan de vreemdeling verleende verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingetrokken en geweigerd ambtshalve een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd aan haar te verlenen en krachtens artikel 64 van de Vreemdelingenwet 2000 (hierna: de Vw 2000) te bepalen dat haar uitzetting achterwege blijft.
Betrokken advocaten
Gavami Attorney, AMSTERDAM
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2026:570, Rechtbank Den Haag, 14-01-2026, NL25.35453
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2026:568, Rechtbank Den Haag, 14-01-2026, NL25.35454
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2026:567, Rechtbank Den Haag, 14-01-2026, NL25.35455
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBAMS:2026:193, Rechtbank Amsterdam, 14-01-2026, C/13/780898 / KG ZA 25-1061 MK/JD
Rechtbank Amsterdam · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
25 september 2018
Instantie
Raad van StateRechtsgebied
Bestuursrecht; VreemdelingenrechtZaaknummer
201706489/1/V1
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:RVS:2018:3141