ECLI:NL:RVS:2020:1934, Raad van State, 12-08-2020, 201902968/1/A2 — RVS:2020:1934
Samenvatting
Bij besluit van 19 januari 2017 heeft het college van gedeputeerde staten van Groningen een verzoek van Waterbedrijf Groningen om nadeelcompensatie afgewezen. Bij brief van 3 november 2015 heeft Waterbedrijf Groningen bij het college een verzoek om nadeelcompensatie ingediend, waarbij het zich heeft beperkt tot de kosten van aanpassing (buitengebruikstelling) van vier waterleidingzinkers. Waterbedrijf Groningen heeft het college verzocht om een tegemoetkoming van € 62.081,00 in de kosten van ontwerp, begeleiding en uitvoering van de werkzaamheden ter hoogte van € 83.775,00. Volgens Waterbedrijf Groningen is dit, gezien de bijzondere omstandigheden van het geval, een reële compensatie voor het nadeel dat zij heeft als gevolg van de gedwongen aanpassing van vier waterleidingzinkers in verband met de werkzaamheden van de provincie.
Betrokken advocaten
Van der Feltz advocaten, 'S-GRAVENHAGE
MulderVanGeel advocaten & bedrijfsadviseurs, ALMELO
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RVS:2026:193, Raad van State, 14-01-2026, 202306968/1/R3
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:19099, Rechtbank Den Haag, 12-09-2025, SGR 23/120
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:16237, Rechtbank Den Haag, 29-07-2025, SGR 23/8504
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBNNE:2025:2868, Rechtbank Noord-Nederland, 16-07-2025, LEE 23/5546 en LEE 24/2487
Rechtbank Noord-Nederland · Bestuursrecht; Omgevingsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
12 augustus 2020
Instantie
Raad van StateRechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
201902968/1/A2
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:1934