ECLI:NL:RVS:2023:852, Raad van State, 01-03-2023, 202100115/1/A2 — RVS:2023:852
Samenvatting
Bij besluit van 21 januari 2020 heeft de Belastingdienst/Toeslagen het verzoek van [appellante] om herziening van de kinderopvangtoeslag over 2018 en 2019 afgewezen. Op 31 oktober 2019 heeft [appellante] bij de Belastingdienst/Toeslagen kinderopvangtoeslag met terugwerkende kracht over de periode vanaf 1 juli 2019 aangevraagd voor de opvang van haar dochter. Bij besluit van 21 november 2019 heeft de Belastingdienst/Toeslagen aan haar een voorschot kinderopvangtoeslag toegekend van € 3.061,-. Het voorschot is berekend over de maanden juli tot en met december 2019. De Belastingdienst/Toeslagen heeft zich op het standpunt gesteld dat [appellante] op grond van artikel 1.3, tweede lid, aanhef en onder b, van de Wet kinderopvang alleen kinderopvangtoeslag met terugwerkende kracht kan krijgen over de drie kalendermaanden die zijn gelegen voor 31 oktober 2019, de datum van de aanvraag door [appellante]. Volgens de dienst zijn er wettelijk geen mogelijkheden om van deze aanvraagtermijn af te wijken.
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RVS:2024:4484, Raad van State, 06-11-2024, 202302613/1/A2
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:HR:2023:677, Hoge Raad, 21-04-2023, 23/00226
Hoge Raad · Bestuursrecht; Belastingrecht
ECLI:NL:HR:2023:595, Hoge Raad, 14-04-2023, 22/04778
Hoge Raad · Bestuursrecht; Belastingrecht
ECLI:NL:RVS:2023:1045, Raad van State, 15-03-2023, 202300061/1/A2
Raad van State · Bestuursrecht
Gegevens
Datum uitspraak
1 maart 2023
Instantie
Raad van StateRechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
202100115/1/A2
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:852