ECLI:NL:RVS:2025:3087, Raad van State, 09-07-2025, 202107906/2/V6 — RVS:2025:3087
Samenvatting
Bij verwijzingsuitspraak van 15 maart 2023, ECLI:NL:RVS:2023:975, heeft de Afdeling het Hof van Justitie verzocht om in een prejudiciële beslissing uitspraak te doen over de gestelde vragen over de uitleg van artikel 34 van de Kwalificatierichtlijn. De Afdeling heeft daarbij de behandeling van het hoger beroep geschorst tot het Hof uitspraak zal hebben gedaan en iedere verdere behandeling aangehouden. Deze uitspraak gaat over artikel 34 van de Kwalificatierichtlijn. Deze bepaling verplicht lidstaten om personen die internationale bescherming genieten, toegang tot integratieprogramma’s te bieden of te zorgen voor de omstandigheden waaronder de toegang tot dergelijke programma’s gewaarborgd is. In deze uitspraak wordt de vraag beantwoord of het Nederlandse inburgeringsstelsel in overeenstemming is met artikel 34 van de Kwalificatierichtlijn. Het gaat daarbij specifiek om de verplichting voor asielstatushouders om een inburgeringsexamen te behalen, op straffe van een boete, waarbij zij de kosten voor de integratieprogramma’s in beginsel zelf moeten betalen als zij niet op tijd voor dit examen slagen.
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RVS:2025:4309, Raad van State, 10-09-2025, 202401587/1/A2
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RVS:2025:3984, Raad van State, 20-08-2025, 202407523/1/A3
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RVS:2025:3970, Raad van State, 20-08-2025, 202302774/1/R2
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:OGHACMB:2025:192, Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, 30-07-2025, CUR2024H00137
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba · Bestuursrecht
Gegevens
Datum uitspraak
9 juli 2025
Instantie
Raad van StateRechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
202107906/2/V6
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3087