ECLI:NL:RVS:2025:3995, Raad van State, 20-08-2025, 202502603/1/R4 — RVS:2025:3995
Samenvatting
Bij besluit van 9 februari 2025 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag zijn beslissing om op 28 januari 2025 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening 2010 van de gemeente Den Haag aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld. De toepassing van spoedeisende bestuursdwang heeft bestaan uit het verwijderen van een doos die op 28 januari 2025 is aangetroffen naast een ondergrondse papiercontainer ter hoogte van de Paviljoensgracht 139 in Den Haag. Het college is ervan uitgegaan dat [appellant] de doos verkeerd heeft aangeboden, omdat zijn naam en adres op het adreslabel op de doos staan. [appellant] betwist niet dat de doos van hem afkomstig is, maar stelt dat hij de doos niet naast de ondergrondse papiercontainer heeft gezet. Dat zijn naam en adres op het adreslabel stonden, is volgens hem geen overtuigend bewijs dat hij de doos zelf naast de papiercontainer heeft gezet. Hij vermoedt dat de doos eruit is gehaald door derden, is verplaatst of dat de doos is weggewaaid.
Betrokken advocaten
mr. F. van Ommeren
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2026:1307, Rechtbank Den Haag, 23-01-2026, SGR 25/2998
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Bestuursprocesrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:23409, Rechtbank Den Haag, 10-12-2025, SGR 23/7229
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Omgevingsrecht
ECLI:NL:RVS:2025:5854, Raad van State, 03-12-2025, 202503648/1/R4
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RVS:2025:5855, Raad van State, 03-12-2025, 202503485/1/R4
Raad van State · Bestuursrecht
Gegevens
Datum uitspraak
20 augustus 2025
Instantie
Raad van StateRechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
202502603/1/R4
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3995