ECLI:NL:RVS:2025:4645, Raad van State, 01-10-2025, 202301208/1/A3 — RVS:2025:4645
Samenvatting
Bij besluit van 6 mei 2022 heeft de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport het door [appellante] gemaakte bezwaar tegen de verkorting van de geldigheidsduur van haar coronaherstelbewijs niet-ontvankelijk verklaard. Op 1 juni 2021 is de Tijdelijke wet coronatoegangsbewijzen in werking getreden. Daarmee werden tijdelijke regels gesteld over de inzet van coronatoegangsbewijzen bij de bestrijding van covid-19. Een coronatoegangsbewijs kon worden verkregen door volledige vaccinatie, na een negatieve test en na herstel van covid-19. In de Tijdelijke regeling maatregelen covid-19 waren de voorwaarden opgenomen waaronder een coronatoegangsbewijs geldig was voor deelname aan een activiteit of toegang tot een voorziening waarvoor het coronatoegangsbewijs was voorgeschreven. Tot 8 februari 2022 had het coronaherstelbewijs een geldigheidsduur van 365 dagen. Daarna werd door wijziging van de Trm de geldigheidsduur van het coronaherstelbewijs teruggebracht tot 180 dagen. [appellante] had een coronatoegangsbewijs op basis van herstel (coronaherstelbewijs) en heeft bezwaar gemaakt tegen de verkorting van de geldigheidsduur ervan. De minister heeft dat bezwaar niet-ontvankelijk verklaard.
Betrokken advocaten
mr. E.E. Schaake
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:CBB:2025:536, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 30-09-2025, 25/714
College van Beroep voor het bedrijfsleven · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:10158, Rechtbank Den Haag, 11-06-2025, SGR 24/7310
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:RVS:2025:2468, Raad van State, 28-05-2025, 202305323/1/A3
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RVS:2025:1277, Raad van State, 26-03-2025, 202303127/1/A2
Raad van State · Bestuursrecht
Gegevens
Datum uitspraak
1 oktober 2025
Instantie
Raad van StateRechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
202301208/1/A3
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4645