ECLI:NL:RVS:2025:6000, Raad van State, 10-12-2025, 202405442/1/A3 — RVS:2025:6000
Samenvatting
Bij besluit van 15 februari 2023 heeft de minister van Buitenlandse Zaken geweigerd de optieverklaring van [appellant] te bevestigen. Bij besluit van 6 juli 2023 heeft de minister het door [appellant] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. [appellant] is in Nederland geboren. [appellant] heeft van 1990 tot 1996 in Australië gewoond en van 2008 tot op heden. Op 19 januari 2001 heeft hij de Australische nationaliteit verkregen door naturalisatie. Daardoor verloor hij op dat moment op grond van artikel 15, aanhef en onder a, van de Rijkswet op het Nederlanderschap, van rechtswege het Nederlanderschap. Het Nederlanderschap herkrijgen kan alleen, indien met dat verlies het Unieburgerschap verloren ging en op dat moment redelijkerwijs voorzienbaar was dat dit tot onevenredige gevolgen uit het oogpunt van het Unierecht zou leiden. Daarom heeft de minister in deze zaak beoordeeld of het verlies van het Nederlanderschap van [appellant] op 19 januari 2001 in overeenstemming is met het evenredigheidsbeginsel wat betreft de gevolgen ervan uit het oogpunt van het Unierecht. De Immigratie- en Naturalisatiedienst heeft op verzoek van de minister op 6 februari 2023 advies uitgebracht in het kader van Unierechtelijke evenredigheidsbeoordeling. De IND concludeert daarin dat het verlies van het Unieburgerschap op de peildatum niet als onevenredig kan worden beschouwd. Op basis van dit advies heeft de minister geweigerd de optieverklaring van [appellant] te bevestigen. [appellant] is het niet eens met de minister en stelt dat het verlies van het Nederlanderschap en Unieburgerschap voor hem onevenredig is, waardoor hij zijn Nederlandse nationaliteit zou moeten herkrijgen.
Betrokken advocaten
mr. L.H.T. Geuzendam
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
Juridische strijd om Nederlands paspoort gaat verder na vervangend besluit
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBROT:2026:571, Rechtbank Rotterdam, 21-01-2026, ROT 25/2396
Rechtbank Rotterdam · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:24424, Rechtbank Den Haag, 16-12-2025, SGR 25/3305
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht
ECLI:NL:RVS:2025:6011, Raad van State, 10-12-2025, 202305088/1/A3
Raad van State · Bestuursrecht
Gegevens
Datum uitspraak
10 december 2025
Instantie
Raad van StateRechtsgebied
Bestuursrecht; VreemdelingenrechtZaaknummer
202405442/1/A3
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6000