ECLI:NL:RVS:2025:6160, Raad van State, 17-12-2025, 202308000/1/A2 — RVS:2025:6160
Samenvatting
Bij besluit van 4 november 2022 heeft de Dienst Toeslagen de zorgtoeslag van [appellant] over 2021 vastgesteld op nihil. Wijlen [appellant] ontving gezamenlijk met zijn echtgenote wijlen [echtgenote] zorgtoeslag. [echtgenote] is overleden op 15 september 2021. [appellant] is overleden op 15 oktober 2021. [appellant] heeft op 8 oktober 2021 de Dienst Toeslagen verzocht om de alleenstaande-ouderenkorting te handhaven. De Dienst Toeslagen heeft ten onrechte aangenomen dat [appellant] hiermee verzocht om het doorbreken van het toeslagpartnerschap met [echtgenote] vanaf 1 januari 2021. Als gevolg heeft de Dienst Toeslagen beoordeeld of [appellant] en Hogenkamp als alleenstaanden recht hebben op zorgtoeslag over heel 2021. [appellant] kreeg hierdoor geen zorgtoeslag en [echtgenote] had recht op zorgtoeslag van € 965,00. De rechtbank heeft onder meer overwogen dat de gezamenlijke zorgtoeslag over 2021 terecht is berekend op een bedrag van € 1.346,00. De erven van [appellant] betogen dat de rechtbank niet heeft onderkend dat de zorgtoeslag moet worden toegekend aan de aanvrager.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RVS:2026:610, Raad van State, 04-02-2026, 202502066/1/A2
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RVS:2026:390, Raad van State, 26-01-2026, BRS.25.000701
Raad van State · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RVS:2026:384, Raad van State, 23-01-2026, BRS.25.002628
Raad van State · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RVS:2026:307, Raad van State, 19-01-2026, BRS.26.000310
Raad van State · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
17 december 2025
Instantie
Raad van StateRechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
202308000/1/A2
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6160