ECLI:NL:RVS:2025:6432, Raad van State, 31-12-2025, 202405939/1/A2 — RVS:2025:6432
Samenvatting
Bij besluit van 7 juli 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam een aanvraag van [appellante] om een urgentieverklaring afgewezen. [appellante] heeft een aanvraag voor een urgentieverklaring ingediend. Zij stelt dat zij meerdere keren fysiek en psychisch door haar zoon is mishandeld, waardoor zij zich niet meer veilig voelt in haar woning. Haar klachten als gevolg van een bij haar gediagnosticeerde depressieve stoornis, PTSS en een persoonlijkheidsstoornis zijn hierdoor verergerd. De rechtbank heeft geoordeeld dat [appellante] niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij een urgent huisvestingsprobleem heeft. Wat in de medische informatie van Atypisch psychosociale hulpverlening van 29 september 2023 over de bedreiging en mishandeling staat, is alleen gebaseerd op de eigen verklaring van [appellante].
Betrokken advocaten
mr. U. Tasdelen
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RVS:2025:5058, Raad van State, 22-10-2025, 202502286/1/A2
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBAMS:2025:8782, Rechtbank Amsterdam, 01-10-2025, AMS 25/4692 en 25/4725
Rechtbank Amsterdam · Bestuursrecht; Bestuursprocesrecht
ECLI:NL:RBAMS:2025:4174, Rechtbank Amsterdam, 18-06-2025, AMS 24/5296
Rechtbank Amsterdam · Bestuursrecht; Bestuursprocesrecht
ECLI:NL:RBAMS:2025:3999, Rechtbank Amsterdam, 13-06-2025, 24/3389
Rechtbank Amsterdam · Bestuursrecht; Bestuursprocesrecht
Gegevens
Datum uitspraak
31 december 2025
Instantie
Raad van StateRechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
202405939/1/A2
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6432