ECLI:NL:RVS:2026:1080, Raad van State, 25-02-2026, 202503794/1/R4 — RVS:2026:1080
Samenvatting
Bij besluit van 21 februari 2025 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag zijn beslissing om op 7 februari 2025 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening 2010 van de gemeente Den Haag aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld. Daarbij heeft het college vermeld dat een gedeelte van de kosten van de toepassing van bestuursdwang, te weten € 199,57, voor rekening van [appellante] komt. [appellante] betwist niet dat de doos van haar afkomstig is, maar zij stelt dat zij niet degene is geweest die de doos naast de ORAC heeft gezet. [appellante] heeft een bezorgbevestiging overgelegd, waaruit blijkt dat een pakketbezorgder van DPD de doos op vrijdag 7 februari 2025 om 13:47 uur bij haar heeft bezorgd. Tijdens de bezorging leek het volgens [appellante] alsof het kattengrit dat zij had besteld uit de doos lekte. Omdat zij vaker een beschadigde zak kattengrit heeft ontvangen, heeft zij tegen de pakketbezorger gezegd dat zij de zak kattengrit direct wilde retourneren. Zij heeft vervolgens de doos opengemaakt om de andere artikelen die zij had besteld eruit te halen. Nadat de doos was geopend bleek dat de zak kattengrit niet beschadigd was, maar slechts lekte omdat de doos ondersteboven was gekeerd. Omdat de doos al geopend was, heeft zij deze teruggegeven aan de pakketbezorger en heeft ze het kattengrit en de overige inhoud van de doos mee naar binnen genomen.
Betrokken advocaten
H. Ben Hammou
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
Hagenaar betaalt €200 voor karton dat zijn zoon verkeerd aanbood
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RVS:2026:1717, Raad van State, 25-03-2026, 202504921/1/R4
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RVS:2025:6381, Raad van State, 24-12-2025, 202404454/1/R2
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RVS:2025:6350, Raad van State, 24-12-2025, 202504159/1/R4
Raad van State · Bestuursrecht
Gegevens
Datum uitspraak
25 februari 2026
Instantie
Raad van StateRechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
202503794/1/R4
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1080