ECLI:NL:RVS:2026:1470, Raad van State, 17-03-2026, 202405151/1/V2 — RVS:2026:1470
Samenvatting
Bij besluit van 7 april 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van betrokkenen om hun een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij besluit van 22 april 2023 heeft de staatssecretaris het daartegen door betrokkenen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Bij uitspraak van 19 juli 2024 heeft de rechtbank het daartegen door betrokkenen ingestelde beroep gegrond verklaard, dat besluit vernietigd en bepaald dat de minister een nieuw besluit op het gemaakte bezwaar neemt met inachtneming van de uitspraak.
Betrokken advocaten
Delfshaven Advocaten, ROTTERDAM
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2026:1709, Rechtbank Den Haag, 28-01-2026, NL25.48985
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2026:1236, Rechtbank Den Haag, 20-01-2026, NL25.38881
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:25452, Rechtbank Den Haag, 23-12-2025, NL25.35318
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:26423, Rechtbank Den Haag, 16-12-2025, NL25.4493 en NL25.4494
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
17 maart 2026
Instantie
Raad van StateRechtsgebied
Bestuursrecht; VreemdelingenrechtZaaknummer
202405151/1/V2
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1470