ECLI:NL:RVS:2026:1551, Raad van State, 18-03-2026, 202404558/1/A3 — RVS:2026:1551
Samenvatting
Bij besluit van 28 februari 2023 heeft de korpschef de ten behoeve van [appellant] verleende toestemming om beveiligingswerkzaamheden te mogen verrichten, ingetrokken. De korpschef heeft krachtens artikel 7, vijfde lid, van de Wet particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus en met toepassing van paragraaf 3.3 van de Beleidsregels particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus 2019, de op 7 oktober 2021 ten behoeve van [appellant] verleende toestemming om beveiligingswerkzaamheden te mogen verrichten, ingetrokken, omdat er twijfel bestaat of [appellant] nog beschikt over de betrouwbaarheid die nodig is voor het te verrichten werk. De korpschef heeft die twijfel gebaseerd op onprofessioneel gedrag tijdens het werk op 10 september 2022 en het op hoge snelheid en onder invloed autorijden op 13 november 2022. Volgens de korpschef wegen het maatschappelijk belang van een betrouwbare veiligheidssector en de goede naam van de bedrijfstak zwaarder dan de persoonlijke belangen van [appellant]. Het intrekken van de toestemming is volgens de korpschef daarom noodzakelijk en passend.
Betrokken advocaten
V. Vermeulen
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:CRVB:2026:46, Centrale Raad van Beroep, 15-01-2026, 24/1619 WMO15
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:RVS:2026:410, Raad van State, 13-01-2026, 202407850/1/A2
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBROT:2025:13945, Rechtbank Rotterdam, 04-12-2025, ROT 21/6005
Rechtbank Rotterdam · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBROT:2025:13396, Rechtbank Rotterdam, 17-11-2025, ROT 22/1753
Rechtbank Rotterdam · Bestuursrecht
Gegevens
Datum uitspraak
18 maart 2026
Instantie
Raad van StateRechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
202404558/1/A3
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1551