ECLI:NL:RVS:2026:1686, Raad van State, 25-03-2026, 202502459/1/A2 — RVS:2026:1686
Samenvatting
Bij besluit van 5 april 2024 heeft het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen aan [appellant] een Educatieve Maatregel Gedrag en verkeer (EMG) opgelegd. De politie, eenheid Noord-Holland, heeft het CBR op grond van artikel 130, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 (de Wvw 1994) medegedeeld dat het vermoeden bestaat dat [appellant] niet langer beschikt over de vereiste rijvaardigheid voor het besturen van motorrijtuigen waarvoor zijn rijbewijs is afgegeven. Volgens het bij die mededeling gevoegde proces-verbaal van bevindingen van 17 maart 2024 heeft [appellant] op diezelfde datum om 8:15 uur op de A7 met zijn auto met een gecorrigeerde snelheid van 165 km/u gereden, waar 100 km/u is toegestaan. [appellant] betoogt dat de rechtbank een onjuiste maatstaf heeft gehanteerd, door niet op grond van artikel 3:4 van de Algemene wet bestuursrecht (de Awb) te beoordelen of toepassing van de Regeling in dit geval tot onevenredige gevolgen leidt.
Betrokken advocaten
mr. I.S.B. Metaal
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RVS:2025:6186, Raad van State, 17-12-2025, 202407371/1/A2
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RVS:2025:3084, Raad van State, 09-07-2025, 202305524/1/A2
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RVS:2025:2610, Raad van State, 11-06-2025, 202407077/1/A2
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RVS:2025:1746, Raad van State, 10-04-2025, 202405386/1/A2
Raad van State · Bestuursrecht
Gegevens
Datum uitspraak
25 maart 2026
Instantie
Raad van StateRechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
202502459/1/A2
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1686