Juristi.nl
ECLI:NL:RVS:2026:1734Bestuursrecht

ECLI:NL:RVS:2026:1734, Raad van State, 25-03-2026, 202302333/1/A2 — RVS:2026:1734

Samenvatting

Bij besluit van 22 juli 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag aan [appellante] een bestuurlijke boete opgelegd ter hoogte van € 20.000,00, wegens omzetting van zelfstandige in onzelfstandige woonruimte zonder vergunning. Het college heeft op basis van een inspectie op 14 oktober 2019 geconcludeerd dat de woning aan de [locatie] in Den Haag (de woning) is omgezet van zelfstandige in onzelfstandige woonruimte voor vier of meer personen, zonder dat daarvoor een vergunning is verleend. Dat is in strijd met het artikel 5:2, aanhef en onder b, van de Huisvestingsverordening Den Haag 2019 (de Hv), in samenhang gelezen met artikel 21, aanhef en onder c, van de Huisvestingswet 2014 (de Hw) en artikel 5:1, eerste lid, van de Hv (het omzettingsverbod). Het college heeft bij besluit van 19 december 2019 [appellante], eigenaar van de woning, gelast om die overtreding voor 21 januari 2020 te beëindigen en beëindigd te houden. Het college heeft daarbij bepaald dat als [appellante] niet aan de last voldoet, zij een dwangsom ter hoogte van € 5.000,00 moet betalen.

Betrokken advocaten

mr. M.H. Fleers

appellant

FDJ Advocaten, 'S-GRAVENHAGE

mr. C.A.B. Geertman

appellant

FDJ Advocaten, 'S-GRAVENHAGE

mr. V. Wiebenga

appellant

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

25 maart 2026

Rechtsgebied

Bestuursrecht

Zaaknummer

202302333/1/A2

Procedure

Hoger beroep

ECLI

ECLI:NL:RVS:2026:1734

Bekijk op rechtspraak.nl