Juristi.nl
ECLI:NL:RVS:2026:1813Bestuursrecht; Omgevingsrecht

Raad van State bekrachtigt monumentenstatus voormalig postkantoor Heemstede — RVS:2026:1813

gemeentelijke monumentenaanwijzing / erfgoedrecht

Eiser / verzoeker

Sportveldweg Project B.V. e.a.

VS

Verweerder / gedaagde

College van burgemeester en wethouders van Heemstede

Het hoger beroep van Sportveldweg e.a. is ongegrond verklaard; de aanwijzing van het voormalige postkantoor als gemeentelijk monument blijft in stand.

  • Artikel 5 lid 3 Erfgoedverordening staat nieuwe aanwijzing niet in de weg, omdat eerdere weigeringen niet waren gebaseerd op een inhoudelijke beoordeling van cultuurhistorische waarden.
  • Beroep op vertrouwensbeginsel verworpen: eerdere afwijzingen en gemeentelijk beleid gaven geen basis voor gerechtvaardigd vertrouwen dat aanwijzing nooit zou volgen.
  • Monumentenstatus schendt eigendomsrecht (art. 1 EP EVRM) niet, nu aanwijzing slechts een vergunningsvereiste voor wijzigingen inhoudt en geen alternatieve herontwikkeling uitsluit.
  • Vier van de vijf appellerende vennootschappen zijn terecht niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan een eigen (niet afgeleid) belang bij het besluit.
  • Gemeente mocht op basis van aanvullend advies van MOOI Noord-Holland tot aanwijzing overgaan, nu het pand een hoge zeldzaamheidswaarde voor Heemstede heeft.

Samenvatting

Een projectontwikkelaar uit Hillegom wilde het voormalige postkantoor aan de Binnenweg in Heemstede slopen om er woningen te bouwen. Het pand stond al jaren in de belangstelling van erfgoedorganisaties, maar eerdere verzoeken om het als gemeentelijk monument aan te wijzen werden in 2010 en 2018 door de gemeente afgewezen. In 2022 draaide het college van burgemeester en wethouders echter bij en wees het pand alsnog aan als gemeentelijk monument.

De eigenaar, Sportveldweg Project B.V., verzette zich daartegen. Volgens de projectontwikkelaar stond de gemeentelijke Erfgoedverordening in de weg aan deze nieuwe aanwijzing, omdat eerder al negatief was beslist. Een bepaling in die verordening verbiedt een hernieuwde aanwijzing als een pand eerder werd afgewezen wegens het ontbreken van voldoende cultuurhistorische, stedenbouwkundige of architectuurhistorische waarden.

Zowel de rechtbank Noord-Holland als nu de Raad van State gaan daar niet in mee. De kern van het oordeel is dat de gemeente in 2010 en 2018 het postkantoor niet heeft afgewezen vanwege het ontbreken van die historische waarden, maar omdat een goede omschrijving van de zeldzaamheidswaarde ontbrak. De gemeente had de historische waarden destijds simpelweg niet inhoudelijk beoordeeld. Daarmee was de juridische drempel voor een nieuwe aanwijzing nooit overschreden, en kon de gemeente later alsnog tot aanwijzing overgaan — mede op basis van een aanvullend advies van erfgoedorganisatie MOOI Noord-Holland, die het pand een hoge zeldzaamheidswaarde voor Heemstede toekende.

Sportveldweg voerde ook aan dat zij erop mocht vertrouwen dat het pand nooit monument zou worden, gezien de eerdere weigeringen en beleid van de gemeente. De rechters verwerpen dat beroep op het vertrouwensbeginsel. In gemeentelijke cultuurnota's stonden geen harde beleidsregels op grond waarvan de ontwikkelaar kon rekenen op een definitief 'nee'. Ook de verklaring van een vorige eigenaar kon niet als bindende toezegging worden beschouwd.

De projectontwikkelaar stelde verder dat de monumentenstatus een onevenredige financiële last oplegt en daarmee in strijd is met het eigendomsrecht zoals beschermd door het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. De Raad van State wijst ook dat argument van de hand. Een monumentenstatus betekent niet dat het pand onaanraakbaar is, maar slechts dat voor wijzigingen een vergunning nodig is. Dat is volgens vaste rechtspraak geen onredelijke beperking van het eigendomsrecht. Bovendien heeft de gemeente aangeboden mee te denken over herontwikkeling waarbij waardevolle elementen — een sculptuur, een glas-in-loodraam en een muurschildering — behouden blijven. Dat de aanwijzing leidt tot minder rendement op de investering is onvoldoende om aan te tonen dat alternatieve herontwikkeling financieel niet haalbaar is.

Vier andere vennootschappen die samen met Sportveldweg hadden geprobeerd beroep in te stellen, werden door de rechtbank al niet-ontvankelijk verklaard omdat zij slechts een afgeleid belang hebben bij het besluit. De Raad van State bevestigt ook dat oordeel.

De Raad van State verklaart het hoger beroep van Sportveldweg ongegrond. De uitspraak van de rechtbank blijft in stand, en daarmee ook de aanwijzing van het voormalige postkantoor in Heemstede als gemeentelijk monument.

Betrokken advocaten

mr. A.B. van Rijn

appellant

De CLERCQ Advocaten Notariaat, LEIDEN

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

1 april 2026

Zaaknummer

202401756/1/A2

Procedure

Hoger beroep

ECLI

ECLI:NL:RVS:2026:1813

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

Rechter wijst woninguitbreiding Haarlemse eigenaren definitief af
Raad van State·1 april 2026
Bestuursrecht; Omgevingsrecht
Raad van State staat huisvesting 144 arbeidsmigranten in America toe
Raad van State·1 april 2026
Bestuursrecht; Omgevingsrecht
Rechter staat omstreden Rotterdamse Tree House-toren toe
Raad van State·1 april 2026
Bestuursrecht; Omgevingsrecht
KPN verliest strijd om reclame op Eindhovens bedrijfspand
Raad van State·1 april 2026
Bestuursrecht; Omgevingsrecht
Raad van State: zonneveld Budel vormt geen gevaar voor vliegverkeer luchthaven
Raad van State·1 april 2026
Bestuursrecht; Omgevingsrecht