ECLI:NL:RVS:2026:983, Raad van State, 20-02-2026, 202600271/2/A3 — RVS:2026:983
Samenvatting
Bij besluit van 17 april 2025 heeft de Raad van State een verzoek van Stichting De Verbeelding van 22 maart 2025 om openbaarmaking van stukken op grond van de Wet open overheid afgewezen, gedeeltelijk omdat het verzoek betrekking heeft op zijn Afdeling bestuursrechtspraak en gedeeltelijk omdat binnen de Raad geen informatie is gevonden die onder het bereik van het verzoek valt. De voorzieningenrechter ziet, gelet op de standpunten van partijen, geen aanleiding om een (nadere) inhoudelijke belangenafweging te maken. Het verzoek kan als kennelijk gegrond worden toegewezen. De voorzieningenrechter zal bepalen dat de uitspraak van de rechtbank waarop het verzoek om voorlopige voorziening betrekking heeft zal worden geschorst, voor zover die is aangevochten, totdat op het hoger beroep is beslist. Dat betekent dat de Raad geen uitvoering hoeft te geven aan de in de uitspraak van de rechtbank gegeven opdracht tot het uitvoeren en motiveren van een zoekslag naar de gevraagde informatie in het verzoek van de Stichting van 22 maart 2025 en 23 april 2025, dat laatste behoudens het tweede deel daarvan. Ook hoeft de Raad in zoverre niet binnen zes weken na de uitspraak van de rechtbank opnieuw op de bezwaren te beslissen.
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RVS:2024:1066, Raad van State, 13-03-2024, 202306930/1/A3
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBDHA:2017:14744, Rechtbank Den Haag, 14-12-2017, NL17.5594
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBAMS:2017:6775, Rechtbank Amsterdam, 21-09-2017, AWB 17-3769, 17-4264, 17-5015 en 17-5016
Rechtbank Amsterdam · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBAMS:2017:6105, Rechtbank Amsterdam, 15-03-2017, AWB - 16 _ 4680
Rechtbank Amsterdam · Bestuursrecht
Gegevens
Datum uitspraak
20 februari 2026
Instantie
Raad van StateRechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
202600271/2/A3
Procedure
Voorlopige voorziening
ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:983