ECLI:NL:CRVB:2015:4650, Centrale Raad van Beroep, 16-12-2015, 14/1307 WW — CRVB:2015:4650
Samenvatting
Aan het ontslag van appellant heeft geen dringende reden ten grondslag gelegen, zodat diens werkloosheid niet verwijtbaar is in de zin van artikel 24, eerste lid, aanhef en onder a, in verbinding met het tweede lid, aanhef en onder a, van de WW. Het Uwv heeft appellant bij het bestreden besluit terecht in aanmerking gebracht voor een WW-uitkering. Het beroep van het college tegen het bestreden besluit is ongegrond.
Betrokken advocaten
mr. A.J.J. van der Vlist
appellant
mr. A.J. Wintjes
appellant
mr. R.A. Kneefel
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RVS:2026:648, Raad van State, 04-02-2026, 202404895/1/A2
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RVS:2025:6386, Raad van State, 24-12-2025, 202400289/1/R3
Raad van State · Bestuursrecht; Omgevingsrecht
ECLI:NL:RVS:2025:6337, Raad van State, 24-12-2025, 202400369/1/R3
Raad van State · Bestuursrecht; Omgevingsrecht
ECLI:NL:RBROT:2025:15048, Rechtbank Rotterdam, 17-12-2025, ROT 25/9738
Rechtbank Rotterdam · Bestuursrecht
Gegevens
Datum uitspraak
16 december 2015
Instantie
Centrale Raad van BeroepRechtsgebied
Bestuursrecht; SocialezekerheidsrechtZaaknummer
14/1307 WW
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2015:4650