ECLI:NL:CRVB:2020:2279, Centrale Raad van Beroep, 18-09-2020, 19/1166 WIA — CRVB:2020:2279
Samenvatting
Wat appellante in hoger beroep heeft aangevoerd, is grotendeels een herhaling van de gronden die zij in beroep naar voren heeft gebracht. De rechtbank heeft met juistheid geoordeeld dat de verzekeringsartsen een zorgvuldig onderzoek hebben verricht naar de klachten van appellante en de daaruit voortvloeiende beperkingen. De rechtbank heeft terecht geen aanknopingspunten gevonden om de medische beoordeling van de verzekeringsartsen voor onjuist te houden. Het oordeel van de rechtbank en de daaraan ten grondslag gelegde overwegingen worden geheel onderschreven. Daaraan wordt toegevoegd dat de verzekeringsarts bezwaar en beroep in het rapport van 25 oktober 2018 op uitvoerige en gedetailleerde wijze heeft toegelicht waarom hij in het in beroep door appellante overgelegde rapport van verzekeringsarts Van der Planken, geen aanleiding ziet om meer beperkingen vast te stellen dan vastgelegd in de FML van 16 maart 2018. In hoger beroep heeft appellante geen nader rapport van Van der Planken of anderszins nieuwe medische gegevens ingebracht die aanknopingspunten bieden voor verdergaande beperkingen dan neergelegd in de FML van 16 maart 2018 dan wel doet twijfelen aan de juistheid van deze FML. Het bestreden besluit berust op een voldoende gemotiveerde medische grondslag. Met de rechtbank wordt geoordeeld dat het Uwv zich op goede gronden op het standpunt heeft gesteld dat de maatmanarbeid juist is vastgesteld en dat appellante niet kan worden aangemerkt als een medische afzakker. Ook de arbeidskundige grondslag van het bestreden besluit wordt onderschreven.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHSHE:2025:1736, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 19-06-2025, 200.352.211_01
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · Civiel Recht; Arbeidsrecht
ECLI:NL:RBZWB:2025:1547, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 27-02-2025, 11351496 AZ VERZ 24-69 (E)
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Civiel Recht; Arbeidsrecht
ECLI:NL:RBZWB:2025:1551, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 27-02-2025, 11351308 AZ VERZ 24-68 (E)
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Civiel Recht; Arbeidsrecht
ECLI:NL:GHSHE:2021:2379, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 29-07-2021, 200.259.729_01
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · Civiel Recht; Arbeidsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
18 september 2020
Instantie
Centrale Raad van BeroepRechtsgebied
Bestuursrecht; SocialezekerheidsrechtZaaknummer
19/1166 WIA
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2020:2279