ECLI:NL:CRVB:2021:3274, Centrale Raad van Beroep, 23-12-2021, 19/4307 AOW — CRVB:2021:3274
Samenvatting
De rechtbank heeft terecht geoordeeld dat de bevindingen van het onderzoek van de Svb voldoende feitelijke grondslag bieden voor de conclusie dat appellant en zijn echtgenote niet duurzaam gescheiden leven. Appellant en zijn echtgenote zijn samen eigenaar van de door de echtgenote bewoonde woning. Verder zijn appellant en zijn echtgenote, naar eerst in hoger beroep is gebleken, gezamenlijk eigenaar van een andere, niet door hen bewoonde, woning die verhuurd wordt en zijn zij samen gerechtigd tot de maandelijkse huurpenningen. In 2015, dus zo’n acht jaar nadat appellant de echtelijke woning verliet, hebben appellant en zijn echtgenote samen een woning gekocht voor appellant. Uit de stukken blijkt dat de financiering van deze woning is gebaseerd op het inkomen van appellant en het inkomen van zijn echtgenote, en dat het inkomen van appellant alleen niet afdoende was geweest om de financiering te kunnen afsluiten. Verder hebben appellant en zijn echtgenote een testament waarin de ander als begunstigde wordt aangewezen. Reeds dit geheel van feiten leidt tot de conclusie dat appellant en zijn echtgenote in oktober 2018 niet duurzaam gescheiden van elkaar leefden. Het beroep van appellant op het vertrouwensbeginsel kan evenmin slagen. Uit de overwegingen volgt dat de rechtbank terecht het beroep ongegrond heeft verklaard. De aangevallen uitspraak zal dan ook bevestigd worden.
Betrokken advocaten
mr. N. Zuidersma-Hovers
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:CRVB:2025:1668, Centrale Raad van Beroep, 06-11-2025, 24/1039 AOW
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:RBMNE:2025:6006, Rechtbank Midden-Nederland, 30-10-2025, UTR 25/234
Rechtbank Midden-Nederland · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:11449, Rechtbank Den Haag, 01-07-2025, 23_6574
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:RBAMS:2025:2748, Rechtbank Amsterdam, 02-05-2025, AMS 24/6592
Rechtbank Amsterdam · Bestuursrecht; Bestuursprocesrecht
Gegevens
Datum uitspraak
23 december 2021
Instantie
Centrale Raad van BeroepRechtsgebied
Bestuursrecht; SocialezekerheidsrechtZaaknummer
19/4307 AOW
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2021:3274