ECLI:NL:CRVB:2021:822, Centrale Raad van Beroep, 12-04-2021, 18/5914 ZW — CRVB:2021:822
Samenvatting
Wat appellant in hoger beroep heeft aangevoerd vormt goeddeels een herhaling van wat hij in de eerdere procedures naar voren heeft gebracht en leidt niet tot een ander oordeel dan de rechtbank heeft gedaan. De rechtbank heeft de beroepsgronden van appellant afdoende besproken en overtuigend gemotiveerd waarom deze niet slagen. Het oordeel van de rechtbank en de overwegingen die daaraan ten grondslag zijn gelegd worden geheel onderschreven. Ook de door appellant in hoger beroep overgelegde informatie van een sociaal psychiatrisch verpleegkundige en een zorgovereenkomst van de GGzE leiden niet tot een ander oordeel. Uitgaande van de juistheid van de FML wordt de rechtbank ook gevolgd in haar oordeel dat het Uwv voldoende heeft gemotiveerd dat de aan de EZWb ten grondslag gelegde functies in medisch opzicht geschikt zijn voor appellant. Het hoger beroep slaagt niet en de aangevallen uitspraak moet worden bevestigd.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2025:7378, Rechtbank Den Haag, 02-05-2025, SGR 22/4735, SGR 22/4736 en SGR 22/4736
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Omgevingsrecht
ECLI:NL:CRVB:2022:1367, Centrale Raad van Beroep, 16-06-2022, 19/1436 WAJONG
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:RVS:2021:770, Raad van State, 14-04-2021, 202003110/1/A3
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:CRVB:2021:789, Centrale Raad van Beroep, 08-04-2021, 19/4677 ZW
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
12 april 2021
Instantie
Centrale Raad van BeroepRechtsgebied
Bestuursrecht; SocialezekerheidsrechtZaaknummer
18/5914 ZW
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2021:822