ECLI:NL:CRVB:2023:1336, Centrale Raad van Beroep, 12-07-2023, 21/1837 WAJONG — CRVB:2023:1336
Samenvatting
Intrekking en terugvordering Wajong-uitkering. Appellant had in de periode in geding – 8 februari 2017 tot en met 31 oktober 2017 – geen rechtmatig verblijf op basis van een verblijfsvergunning asiel. Het moet voor appellant redelijkerwijs duidelijk zijn geweest dat hij geen recht had op een Wajong-uitkering. Appellant kan zicht niet beroepen op een Chavez-aanspraak door de situatie waarin hij en zijn kinderen verkeerde. Geen dringende redenen om van terugvordering af te zien.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:CRVB:2025:1633, Centrale Raad van Beroep, 12-11-2025, 21/4150 ZW
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:RBAMS:2025:2843, Rechtbank Amsterdam, 02-05-2025, 23/6008
Rechtbank Amsterdam · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:CRVB:2025:190, Centrale Raad van Beroep, 05-02-2025, 23/3293 WIA
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:RBMNE:2024:7440, Rechtbank Midden-Nederland, 20-12-2024, UTR 24/2472
Rechtbank Midden-Nederland · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
12 juli 2023
Instantie
Centrale Raad van BeroepRechtsgebied
Bestuursrecht; SocialezekerheidsrechtZaaknummer
21/1837 WAJONG
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2023:1336