ECLI:NL:CRVB:2024:1043, Centrale Raad van Beroep, 28-05-2024, 23/239 PW — CRVB:2024:1043
Samenvatting
Intrekking bijstand. Geen zeer dringende redenen om toch bijstand te verlenen bij verblijf langer dan vier weken buiten Nederland. Appellanten hebben niet aannemelijk gemaakt dat zij in een acute noodsituatie verkeerden. De gestelde besmetting met het coronavirus is daarvoor niet voldoende. De aan de coronapandemie te relateren omstandigheden vormden alleen de redenen waarom zij niet eerder konden terugkeren naar Nederland. Ook hebben appellanten niet aannemelijk gemaakt dat zij verkeerden in behoeftige omstandigheden die alleen met het verlenen van bijstand konden worden verholpen. Appellanten hebben hulp gehad van familie en zij hebben niet gesteld en niet aannemelijk gemaakt dat het hen aan noodzakelijke medische zorg of voorziening in hun levensonderhoud heeft ontbroken.
Betrokken advocaten
mr. R. Kü
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:CRVB:2026:48, Centrale Raad van Beroep, 14-01-2026, 24/2353 WIA
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:RBMNE:2025:7281, Rechtbank Midden-Nederland, 11-12-2025, UTR 23/3173
Rechtbank Midden-Nederland · Bestuursrecht; Bestuursprocesrecht
ECLI:NL:CRVB:2025:1834, Centrale Raad van Beroep, 10-12-2025, 25/293 WIA
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:RBAMS:2025:9670, Rechtbank Amsterdam, 10-12-2025, 25/2377
Rechtbank Amsterdam · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
28 mei 2024
Instantie
Centrale Raad van BeroepRechtsgebied
Bestuursrecht; SocialezekerheidsrechtZaaknummer
23/239 PW
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2024:1043