ECLI:NL:CRVB:2025:1488, Centrale Raad van Beroep, 07-10-2025, 23/1837 PW — CRVB:2025:1488
Samenvatting
Afwijzing aanvraag om bijstand. Voorliggende voorziening. Loondoorbetalingsverplichting werkgever. Appellant heeft niet aannemelijk gemaakt dat de loondoorbetalingsverplichting van zijn werkgever eindigde op 31 oktober 2021 in plaats van op 20 november 2021. Ter zitting heeft de gemachtigde van appellant erkend dat er geen stukken zijn waaruit dat blijkt. Bovendien volgt uit o.m. de vaststellingsovereenkomst van juli 2022 dat de loondoorbetalingsverplichting van de werkgever op 20 november 2021 is geëindigd. Het college heeft terecht vastgesteld dat in de te beoordelen periode sprake was van een voorliggende voorziening als bedoeld in art. 15 lid 1 PW.
Betrokken advocaten
mr. S. Duinhouwer
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBROT:2026:219, Rechtbank Rotterdam, 16-01-2026, AWB - 25 _ 4306
Rechtbank Rotterdam · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:RBROT:2025:14882, Rechtbank Rotterdam, 19-12-2025, ROT 25/2889
Rechtbank Rotterdam · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:23490, Rechtbank Den Haag, 10-12-2025, 11868054 \ RL EXPL 25-16493
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBROT:2025:15307, Rechtbank Rotterdam, 05-12-2025, 11913916 VV EXPL 25-597
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht; Arbeidsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
7 oktober 2025
Instantie
Centrale Raad van BeroepRechtsgebied
Bestuursrecht; SocialezekerheidsrechtZaaknummer
23/1837 PW
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2025:1488