ECLI:NL:GHAMS:2024:3119, Gerechtshof Amsterdam, 12-11-2024, 200.295.075/01 — GHAMS:2024:3119
Samenvatting
Burenrecht. Eindarrest nadat geïntimeerde geen gebruik heeft gemaakt van de in het tussenarrest gegeven gelegenheid om tegenbewijs te leveren tegen de voorshands bewezen stelling van appellanten dat de fundering van de mandelige muur tussen de erven van partijen onvoldoende draagkracht heeft voor de bouw van een serre door appellanten. Daarmee staat vast dat geïntimeerde onrechtmatig jegens appellanten heeft gehandeld door zijn uitbouw (deels) op de fundering van de mandelige muur te laten rusten.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHAMS:2025:3629, Gerechtshof Amsterdam, 16-12-2025, 200.341.953
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBDHA:2025:15076, Rechtbank Den Haag, 11-08-2025, C/09/678591 KG ZA 25-35
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht
ECLI:NL:RBNHO:2025:2763, Rechtbank Noord-Holland, 13-03-2025, C/15/361463 / KG ZA 25-44
Rechtbank Noord-Holland · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBNHO:2025:928, Rechtbank Noord-Holland, 05-02-2025, C/15/359968 / KG ZA 24-717
Rechtbank Noord-Holland · Civiel Recht; Burgerlijk Procesrecht
Gegevens
Datum uitspraak
12 november 2024
Instantie
Gerechtshof AmsterdamRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
200.295.075/01
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2024:3119