ECLI:NL:GHAMS:2024:762, Gerechtshof Amsterdam, 26-03-2024, 200.321.248/01 — GHAMS:2024:762
Samenvatting
Procespartij en gezag van gewijsde. De grieven voor zover gericht tegen het oordeel van de kantonrechter in conventie, zien deels op twee partijen die niet in het hoger beroep zijn betrokken, en deels (voor zover het betreft de geïntimeerde die wel in hoger beroep is betrokken) op vorderingen waarop tussen partijen in een andere procedure al onherroepelijk is beslist. De grieven voor zover gericht tegen het oordeel van de kantonrechter in reconventie, slagen gedeeltelijk, omdat de vordering tot betaling van tolkkosten is ingesteld door geïntimeerde in privé terwijl een van de door hem gehouden B.V.’s de rechthebbende is op deze vordering. Volgt gedeeltelijke vernietiging en bekrachtiging voor het overige.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHARL:2025:7674, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 02-12-2025, 200.358.491/01
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
ECLI:NL:GHAMS:2024:2072, Gerechtshof Amsterdam, 23-07-2024, 200.343.193/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:HR:2023:1321, Hoge Raad, 29-09-2023, 22/04389
Hoge Raad · Bestuursrecht; Belastingrecht
ECLI:NL:GHAMS:2023:1863, Gerechtshof Amsterdam, 01-08-2023, 200.306.976/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
26 maart 2024
Instantie
Gerechtshof AmsterdamRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
200.321.248/01
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2024:762