ECLI:NL:GHAMS:2025:957, Gerechtshof Amsterdam, 08-04-2025, 200.336.192/01 — GHAMS:2025:957
Samenvatting
In deze zaak gaat het om de vraag welk recht van toepassing is op de arbeidsovereenkomst van een aantal Hongaarse vrachtwagenchauffeurs met een Hongaarse zustervennootschap van een Nederlands transportbedrijf. Het materiële achterliggende belang is of deze chauffeurs aanspraak hebben op loonbetaling overeenkomstig de Nederlandse normen. Hierbij rijzen vragen over de uitleg van artikel 8 Rome I-Verordening. Het hof is van plan daarover prejudiciële vragen te stellen aan het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: HvJEU). Partijen krijgen de gelegenheid zich daarover uit te laten
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHAMS:2025:2280, Gerechtshof Amsterdam, 02-09-2025, 200.336.192
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:GHSHE:2020:1051, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 24-03-2020, 200.235.931_01
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · Civiel Recht
ECLI:NL:RBGEL:2019:2701, Rechtbank Gelderland, 17-04-2019, C/05/335118 / HA ZA 18-18
Rechtbank Gelderland · Civiel Recht
ECLI:NL:GHAMS:2018:4777, Gerechtshof Amsterdam, 18-12-2018, 200.164.386/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
8 april 2025
Instantie
Gerechtshof AmsterdamRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
200.336.192/01
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2025:957