Hoge Raad verwerpt cassatieberoep werknemer tegen werkgever — HR:2026:500
arbeidsrecht / cassatie (art. 81 RO)
Eiser / verzoeker
verzoeker (natuurlijk persoon)
Verweerder / gedaagde
[verweerster] B.V.
Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep van verzoeker; proceskosten begroot op nihil.
- Hoge Raad verwerpt cassatieberoep op grond van artikel 81 lid 1 RO zonder nadere motivering
- Klachten tegen de beschikking van het hof kunnen niet leiden tot vernietiging
- Advocaat-Generaal Drijber concludeerde al tot verwerping van het beroep
- Verweerster verscheen niet in cassatie; proceskosten worden begroot op nihil
Samenvatting
Een man stapte tot aan de Hoge Raad om zijn gelijk te halen in een geschil met zijn werkgever, een besloten vennootschap. Na eerdere verlies bij de rechtbank Oost-Brabant en het gerechtshof 's-Hertogenbosch probeerde hij via cassatie alsnog een andere uitkomst te bereiken.
De zaak begon bij de rechtbank Oost-Brabant, die in augustus 2024 uitspraak deed. De man ging in hoger beroep bij het gerechtshof 's-Hertogenbosch, maar ook dat hof besliste in april 2025 in het nadeel van de verzoeker. Daarop wendde hij zich tot de Hoge Raad.
De Hoge Raad heeft de aangevoerde klachten tegen de uitspraak van het hof beoordeeld, maar concludeert dat geen van die klachten kan leiden tot vernietiging van de bestreden beschikking. De Hoge Raad maakt daarbij gebruik van de zogenoemde 81 RO-bepaling: als klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen die belangrijk zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling, hoeft de Hoge Raad zijn oordeel niet nader te motiveren. De Advocaat-Generaal had al geadviseerd het cassatieberoep te verwerpen.
De Hoge Raad verwerpt het beroep en veroordeelt de verzoeker in de proceskosten aan de zijde van de werkgever, die worden begroot op nihil omdat de werkgever geen verweerschrift heeft ingediend.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:PHR:2026:85, Parket bij de Hoge Raad, 23-01-2026, 25/02576
Parket bij de Hoge Raad · Civiel Recht; Arbeidsrecht
ECLI:NL:HR:2026:53, Hoge Raad, 16-01-2026, 24/03157
Hoge Raad · Civiel Recht
ECLI:NL:HR:2025:1804, Hoge Raad, 28-11-2025, 24/04394
Hoge Raad · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:HR:2025:1240, Hoge Raad, 05-09-2025, 24/03450
Hoge Raad · Civiel Recht; Burgerlijk Procesrecht
Gegevens
Datum uitspraak
27 maart 2026
Instantie
Hoge RaadRechtsgebied
Civiel Recht; ArbeidsrechtZaaknummer
25/02576
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
ECLI
ECLI:NL:HR:2026:500
Investeer in obligaties met hypothecaire zekerheden
- 6% vast rendement
- Stevige zekerheden
- Kwartaalbetalingen
- Vanaf €30.000
Beleggen brengt risico's met zich mee. U kunt uw inleg verliezen.